5.02 - Australië | Quobba

Het is vandaag de langste dag op het noordelijk halfrond, wat betekent dat wij de kortste dag hebben. Het wordt pas na zeven uur in de ochtend licht. Maar wat geeft zo’n kortste dag nou in een winter als dit. Een lange nacht is ook erg relaxed, wanneer je zo veel sterren ziet en het zo stil is. Quobba is maar een ‘raar’ gebiedje. De gemeente Carnarvon staat het hier toe dat je hier tegen een geringe vergoeding kunt verblijven. Langs een twee kilometer lange zone langs de zee, mag je staan waar je wilt en hoe lang je wilt. Dit tegen een vergoeding van $ 5,50 per nacht. Dit is spotgoedkoop, want voor dit geld heb je een geweldige plek, biologische toiletten en wordt voorzien in afvalinzameling. Wat heb je verder nog nodig? We hebben genoeg drinkwater mee en douchen kan in de zee. Veel mensen verblijven hier de hele winter, weer anderen leven in het weekend in golfplaten huisjes, wat het hier doet voorkomen als een sloppenwijk. Australiërs zijn er erg goed in om alles er zo pauperig mogelijk uit te laten zien.

We hebben zonder twijfel de beste kampeerplek in dit gebied. We zitten in een eigen duinpan, afgeschermd van de rest en de wind. Vannacht was het op de brekende golven na, compleet stil. Geen televisies, geen generatoren, geen verkeer… helemaal niets. Het is ook volkomen donker. Er is geen spatje lichtverontreiniging en er staat ook geen maan. De sterrenhemel is daardoor van horizon tot horizon is alle windrichtingen perfect zichtbaar. De Melkweg is als een langwerpige lichtgevende wolk aan de hemel zichtbaar. Hij knalt er uit en verplaatst zicht in de loop van de avond en nacht langs de horizon. Het is jammer dat er niet veel meer vallende sterren zichtbaar zijn. 

Het is uitermate chill wakker worden met de wetenschap dat we vandaag helemaal niets hoeven te doen. Een beetje chillen, boek lezen, dagboek schrijven en snorkelen. Een uitermate druk en vervelend programma. Dit gebied is ook bekend onder de naam ‘Blow Holes’, vanwege het water van de zee dat 20 meter kan opspuiten uit gaten in de rotsen, doordat het water in nauwe spleten wordt geperst. Indrukwekkend, maar veel toffer is het koraal dat hier op loopafstand van onze kamp begint. Het water is ’s ochtends niet warm, maar op het moment dat je met je hoofd onder water gaat merk je daar niets meer van. Je bent direct omringt door grote hoeveelheden vis en op nog geen meter van de kant begint het koraal. Het nadeel is dat het hier zeer ondiep is. Als je in het water ligt, zweef je ongeveer 30-50 centimeter boven het koraal. Je moet dus erg oppassen. Je ziet al veel fel gekleurde vissen die thuishoren in je tropische dromen. Langs de rand van het koraal zwemmen snappers. Ik kom zelf oog in ook met een schildpad van ca. 50 centimeter, waarvan ik denk dat het een loggerhead is.

Wij zijn hier om te chillen en te snorkelen dus we gaan het water weer in. Floor moet haar watervrees afleren, want bank zijn om onder water te gaan is hier behoorlijk zonde. Over en langs de koralen in het ondiepe en heldere water. Het is wel een beetje oppassen waar je naar toe drijft, want voor je het weet kun je geen kant meer op vanwege de koralen die zeer ondiep liggen. Ik kom een paar pijlstaartroggen tegen, waarvan er eentje verscholen ligt onder het koraal. Toevallig kom ik ook langs een zeewezen, waarvan ik in eerst instantie denk dat het een kwal is, maar bij nadere inspectie een octopus blijkt te zijn, die zich door mijn afwezigheid direct verschuilt tussen het koraal: je ziet me lekker toch niet. De octopus is paars met ogen die uit zijn lichaam komen. Hij kan als het ware om het hoekje kijken. Hij komt helaas niet meer te voorschijn. Ik had duidelijk te maken met een verlegen octopus.

Het is hier ook fantastisch om de hoge golven te horen en te zien. De baai is als het ware opgedeeld in twee delen. Rechts is de baai afgeschermd door een eiland en het rif dat iets uit de kust ligt. Links heeft de zee vrij spel en komen de golven al van verre aanrollen. Je ziet de golven in lange, aaneengesloten rijen als blauwe driehoeken door het water reizen, en een witte kop krijgen als ze breken. Met een surfplank zou het hier fantastisch zijn, want de golven vormen tunnels, alvorens ze met veel geweld op de kust slaan. Het nadeel aan surfen op deze plek is het grote aantal minder vriendelijke haaien dat hier vlak voor de kust zwemt. Als snorkelend in het ondiepe en beschutte rechter deel van de baai, heb je daar in ieder geval geen last van. Het geluid van de brekende golven is toch wel een van de meest indrukwekkende, maar gelijk ook meest rustgevende geluid dat er is. Quobba is zeker een van de mooiste plekken om te kamperen. Vanaf je tent loop je zo naar het strand of de duinen in, waar je helemaal niemand tegenkomt. Op het strand ben je ook maar met maximaal twee anderen die een paar honderd meter verderop liggen. Het is helaas wel afgelopen met de rust op onze kampeerplek, want er is een camper met generator gearriveerd in ‘onze’ duinpan. Als onze brander die avond ook komt te overlijden, zit er niets anders op dat te besluiten dat we morgen weer terug moeten naar Carnarvon. Noodgedwongen eten we deze avond boterhammen met jam, in plaats van de geplande risotto.

5.01 - Australië | Carnarvon - Quobba (72 km)

Om te kunnen profiteren van de relatief lage prijzen in de Wooly’s van Carnarvon, slaan we groot in om de voorraden op pijl te brengen voor de komende dagen. Blikken met groenten, pasta saus, thee, cordio, koffie, koekjes, wijn…. You name it, we’ve got it. In de afgelegen gebieden zijn de producten nogal aan afstandinflatie onderhevig, Er zijn in Australië een hoop mensen die willen werken in plaatsten als Port Hedland en Karratha vanwege de hoge salarissen die je daar kunt verdienen. ‘Chasing the dollar’, zoals ze hier zeggen. De kosten van leven liggen daar echter minimaal twee keer hoger dan normaal. Het huren van een huis in Karratha schijnt je al snel $ 1.000 per week te kosten. De werkers staan daarom dus noodgedwongen massaal op de camping, met het resultaat dat ze geen of weinig plek meer hebben voor reizigers.

Als we hebben getankt voor $ 111,51 kunnen we eindelijk op weg. We zijn blij dat we vandaag maar een kleine etappe hebben af te leggen. Het is bizar om te zien dat op tien kilometer buiten Carnarvon de halfwoestijn met dorre, lage begroeiing al weer begint. De subtropische vegetatie rond Carnarvon is alleen mogelijk in een smalle zone langs de rivier die nota bene droogstaat. Vanaf de hoofdweg nemen we een afslag richting de zee, waarna het nog steeds 50 kilometer rijden is door een dor en kaal landschap met uitgestrekte zoutpannen. Er grazen koeien, schapen en we komen de vertrouwde emu weer tegen. Aan het einde van de weg moeten we links een dirtroad op met de naam ‘beachroad’. We rijden langs een ruige, maar erg blauwe zee. De golven spatten hoog op tegen de kust. We rijden door een kilometers lange zone bestaande uit caravans, tenten, campers en schuren van golfplaat. Er mag hier vrij worden gekampeerd tegen een kleine vergoeding en daar wordt goed gebruik van gemaakt, bijna alle ruimte is ingenomen. We vinden nog net een plekje langs de zandweg, waar het enorm naar pis stinkt. Echt geweldig is deze plek niet, waar we lijken het er mee te moeten doen. De hotdogs die we maken voor de late-lunch smaken er niet minder om.

Omdat het lekker warm is, we nu eenmaal aan zee zitten en we van Holly en Phil al hadden gehoord dat je hier fantastisch kan snorkelen, gaan we na de consumptie van de hotdogs naar het strand. Het is niet aan te bevelen om overal te gaan zwemmen, want de zee is nogal ruig. De golven breken met zeer veel geweld op het rif, dat verderop voor een rustige blauwe lagune heeft gezorgd. Die lagune nodigt uit voor een snorkel expeditie. Het water is hier minder koud dan in Shark Bay en onder water word ik direct beloon met koraal. Naar mate je verder gaat, wordt het koraal kleuriger. Ik zie felpaars, blauw en groen. Ik zwem langs en boven grote koralen in de vorm van grote paddenstoelen, En wat een vissen! Wat je normaal alleen op Discovery ziet, kom ik nu gewoon tegen voor mijn ogen. De vissen hebben geweldig mooie kleuren: fluoricerend paars, felrood, pikzwart, klein en groot. Het mooiste moment wordt gemaakt wanneer ik een grote schol van letterlijk duizenden grote (20-30 centimeter) geel met wit gestreepte vissen terecht kom die tussen het koraal zwemmen. Ik kan gewoon niet geloven dat ik dit nu zie. Dit hoop je, maar verwacht je niet tegen te komen. Volledig enthousiast lopen we terug naar ons kamp, als we een vrije kampeerplek tegenkomen in een duinpan. Die plek is onvergelijkbaar veel beter dan de plek waar we langs de weg staan. We haasten ons naar onze tent, breken alles in record tijd af, stouwen de boel in de auto en na vijf minuten staan we op de nieuwe plek. We zijn net op tijd, want direct achter ons komt een camper aangereden. Dat scheelde echt heel weinig. Inmiddels het geheel donker geworden met het ruisen van de zee op de achtergrond. Verder horen we helemaal niets. Geen televisies, geen generator. Wat is dit heerlijk. Het is ook een stuk warmer dan in Carnarvon vanwege de wind die van zee komt in plaats van uit de woestijn.
We rijden weg van de camping in Hamelin, waarvoor we $ 36 moesten betalen. Ze durven wel enorme tarieven te vragen voor dat beetje voorzieningen en een stoffig veldje. De Greyhound naar Perth zou volgens planning om 8.25 uur vertrekken en men wordt verzocht om 30 minuten voor tijd aanwezig te zijn. Wij zijn op tijd, maar de bus is verre van op tijd. We wachten en wachten nog wat langer. Om 8.30 uur is er nog geen bus. Om 9.00 uur is er nog steeds geen bus. Wel komt er een bandlid van ZZ-Top uit het roadhouse gelopen, die in zijn roadtrain stapt. Om 9.15 uur komt de bus aangereden, waarna het hele ritueel van uitstappen, instappen, wisseling van chauffeur, koffie drinken, peukje roken, enz. nog moet plaatsvinden. Na een vertraging van anderhalf uur zwaaien we onze vrienden uit. Zij zullen in Perth met het vliegtuig naar Cairns gaan voor hun laatste twee weken in Australië.

Wij zijn weer op elkaar aangewezen. We hebben het ontzettend naar ons zin gehad zo met z’n vieren. Het is jammer dat ze nu weer weg zijn. We hebben deze vakantie met hun wel even nodig gehad. Heerlijk Nederlands praten met vrienden die ons goed kennen. We zijn gelukkig niet zo verandert dat de vriendschap niet meer werkt. Het is erg fijn om te weten dat we zulke vrienden hebben in Nederland. Dit is een reden om terug te gaan naar Nederland. Voor nu is het op naar Carnarvon. Vanaf Overlander wordt het landschap direct anders. Het wordt kaler en droger. Hier lijkt toch echt iets van een woestijn te beginnen. De 200 kilometer lange weg naar Carnarvon is weer van het type recht. De incidentele bocht in de weg lijkt er alleen te zitten omdat de wegwerkers naar elkaar toewerkten en daarbij niet helemaal uitkwamen. Zo’n incidentele bocht is toch wel spannend. ‘Heb je het stuur goed vast?’ We komen aan in Carnarvon, nadat we vanaf Denham 350 kilometer hebben gereden. Het is hemelsbreed een afstand van nog geen 100 kilometer, maar het water maakt deze omweg noodzakelijk.

In Carnarvon blijkt direct dat we aan een nieuw deel van de reis zijn begonnen. We bevinden ons in een subtropisch landschap, met een overeenkomstig klimaat. Doordat de Cascoyne River hier uitmondt in zee is dit gebied vruchtbaar, dit in tegenstelling tot de omringende woestijn. De Tropic of Capricorn (Steenboks-keerkring) bevindt zich nog maar 150 kilometer ten noorden van ons. De luchtvochtigheid is hier veel hoger dan waar we vandaag zijn gekomen. Gelukkig hebben we de koude nachten in Perth achter ons gelaten. We komen langs de eerste bananenbomen, mango’s en gezond uitziende palmbomen. Ook de insecten zijn hier van een serieus formaat. Motten met een lengte van 15 centimeter, krekels met een formaat als dat van een kleine muis en mieren die met hun lengte van 5 centimeter indruk maken. Waar zijn de enorme spinnen? Grappig om te beseffen dat we in Australië, al rijdend in noordelijke richting, exact hetzelfde mee maken als in Azië in zuidelijke richting: ander klimaat, andere gewassen, andere mensen. In Carnarvon komen we zelfs Vietnamezen tegen die met strohoed op hun land werken. Volgens onze informatie zijn hier een groot aantal plantages waar wij zouden kunnen werken. We rijden een rondje door Carnarvon en signaleren dat er een groot aantal camping is en dat er hier een Woolworths zit. Dit is erg gunstig, want onze voorraden zijn tot een minimum bestaansniveau gedaald. We trekken de conclusie dat Carnarvon Caravan Park de meeste geschikte camping is voor ons. Het is ook de goedkoopste. Per dag bedragen de kosten $ 16 of $ 80 per week. We claimen een groot stuk zacht gras, wat vanaf dat moment dienst doet als officiële plaats. Dan is het tijd om uitgebreid te chillen.

05 - Australie | Van Perth naar Carnarvon

De afgelopen zes weken is voor ons de beste tijd gebleken in Australië.. Het feest begon met de aankomst van Emiel en Heidi in Perth met wie we twee hele fijne weken hebben gehad, waarin we van Perth naar Shark Bay zijn gereden en hebben kunnen genieten van de promotie van Emiel! Helaas komen aan alle leuke dingen een eind en zijn we met z'n tweeën verder gereden naar Carnarvon, waar we de afgelopen vier weken hebben gewerkt! Nu hebben we genoeg Aussie dollars gemaakt om het weer een tijdje uit te zingen zonder te werken

Onze vakantie met Emiel en Heidi
Het was heel erg fijn om vrienden uit Nederland op bezoek te hebben, die we heerlijk in het Nederlands konden 'vermoeien' met onze verhalen. Het is goed om te zien dat een jaar weg van huis geen effect heeft op goede vriendschappen! We hadden bedacht dat we in twee weken zouden proberen om een interessant beeld van Australië voor te schotelen aan onze bezoekers! De outback is zeker gelukt met eindeloze voor honderden kilometers continuerende eenzijdige lage begroeiing zonder ook maar de geringste diversiteit in landschap! Pas als je het landschap gaat ervaren en je zelf de tijd geeft om te kijken, kom je er echter dat de kleuren bruin, rood en blauw in miljoenen tinten mogelijk zijn in alle verschillende combinaties! 's Middags is alles extreem verlicht door de felle zon, maar 's ochtends en 's avonds komen alle kleuren als een drie dimensionaal schilderij op je af. Door een landschap als dat horen kangoeroes te huppen, maar helaas bleef dat achterwege! Wel altijd de strak blauwe luchten die 's nachts werd afgewisseld door een fonkelende sterrenhemel, waarin de melkweg als een intergalactische snelweg zichtbaar is.

Na een hoop mooie dingen te hebben gezien kwamen we aan in het gebied Shark Bay.. Een Unesco World Heritage Site vanwege het unieke (onder)waterleven! In het zeer heldere, maar koude water van de Bay zwemmen inderdaad haaien rond, maar ook tienduizenden zeekoeien, kleine vissen en grote vissen, gekleurd en ongekleurd en ga zo maar door! Met een water enthousiast als Heidi weet je dat er bijzondere dingen vallen te zien en te leren! Een aantal keren waren we met onze snorkels in het koude water te vinden op zoek naar moois.... We kwamen zo bij toeval terecht in/boven/onder/tussen een schol pijlstaartroggen met een spanwijdte van maximaal een meter! Om de een of andere reden lagen ze met 15-20 stuks als een pannenkoek opgestapeld in het ondiepe water van de baai!

Op een verlaten wit strand met rode duinen, liet Heidi zich nog eens van haar beste kant zien. Er zwommen dolfijnen verderop in het water, maar door het slaan op het water kreeg Heidi het voor elkaar om ze op het strand aan onze voeten te krijgen! De dolfijnen dachten natuurlijk een
makkelijk maaltje te ontvangen, maar dat feest ging niet door. We hadden op dat moment UNOX gehaktballen, die via Afrika tussen ons brood aan dit witte strand terecht waren gekomen, om uiteindelijk door ons te worden geconsumeerd (Overlanders bedankt!). Jammer de bammer voor de dolfijnen, Floor en gehaktballen.... geen kruimel is er dan beschikbaar voor een bietsende dolfijn.

Werken in Carnarvon
Na twee weken gezamenlijke vakantie waren we weer 'alleen'.. Met nog maar 40 dollar te besteden, was het echt tijd om serieus geld te gaan verdienen. Carnarvon ligt temidden van de woestijn, maar door de aanwezigheid van een rivier is het hier mogelijk om gewassen te groeien.. We zijn aangekomen in de subtropische zone.. Op de paar honderd plantages worden bananen, tafeldruiven, tomaten, paprika's, aubergines en dergelijke verbouwd. Wij konden aan de slag bij een Portugese familie, waar we vier weken hebben gewerkt. Het was echt fantastisch om met z'n tweeën voor een familie te werken. Het werk was zeer divers (snoeien, plukken, wieden, opbinden van zowel tomaten als tafeldruiven), we kwamen ook veel te weten over het boeren bestaan in deze regio! Inmiddels zijn we echte vinyard pimpers geworden. Een van de voornaamste gespreksonderwerpen was het voetbal - In Guus we Trust.. De boerenzoon wilde echter maar niet aannemen dat we de elftallen van Duitsland, Brazilië, Portugal toch echt niet bij naam kennen.. Ja, Ruud van Nistelrooy, daar hebben we wel eens iets van horen zeggen..

De Australiër
In het vorige verslag hebben we een aantal Australië typologieën beschreven. Dit keer kunnen we kort zijn over de Australiër in het algemeen:

Ik vis, dus ik ben!

En verder

We hebben ons banksaldo weer op een gezond niveau kunnen brengen, dus nu is het weer tijd om verder te gaan.. Vanaf Carnarvon zullen we vandaag langzaam door rijden in noordelijke richting. Hopelijk staan de komende maanden in het teken van witte standen en de wondere wereld van de onderwaterwereld van de Indische Oceaan. We hebben ook goed nieuws: we hebben inmiddels besloten dat Australië voor ons niet het geschikte land is om te wonen... we komen dus zeker terug, maar nu alleen nog even niet! We vinden het jammer dat we moeilijk contact kunnen houden met de mensen thuis, want internet is in Australië erg schaars voorhanden en als het er al is, is het schreeuwend duur! Excuses dus, wanneer e-mails uitblijven! Maar goed, het is even niet anders!
Ga naar boven