Op de camping in Riga worden we wakker met een houten hoofd. We waren niet sterker dan de drank. Deze dag gebruikt om de stad Riga eens rustig te bekijken. Een erg grote verrassing. Zeer aangename relaxte stad met vriendelijke en vooral mooie mensen. Veel Art-Nouveau gebouwen. In de middag wat gedronken in een park in de stad. Getuige van een bruiloft, waar een slot aan de brug werd bevestigd. De sleutel ging vervolgens over de schouder het water in. Voor 'eeuwig' verbonden. De hele brug hing vol met die (gegraveerde) sleutels. Omdat we zo ongegeneerd zaten te kijken en te fotograferen, direct meegedongen in de meegenomen hapjes. Ons valt op dat alles hier zo waanzinnig goedkoop is. Het kost hier echt helemaal niets. We vragen ons echt af hoe alles uit kan. Maar ja, we breken ons hoofd er verder niet over en genieten 's avonds weer van een paar aangename cocktails. We moesten de volgende dag al weer weg. Dus dan nog even genieten van de wondere wereld die Riga heet.

We zijn op weg naar Talinn. De weg voert ons door een bijzonder leeg landschap, met af en toe een blik op de Oostzee. Dit moet echt een super gebied zijn met mooi weer. Verlaten stranden, uitgestrekte bossen, lange verlaten wegen. Echt fantastisch. Helaas treffen we het niet echt met het weer. De hele dag zware regenbuien. Tot overmaat van ramp komen we er aan de grens met Estland pas achter dat we ons, een klein beetje maar, hebben vergist in de koers van de Letse munt. In plaats van de gedachte 165 euro, hadden we er met ons vieren 375 euro in twee dagen doorheen gejast. Nog steeds niet duur. Maar het verklaarde wel een boel. Bijvoorbeeld ons houten hoofd. Op de geplande camping in Talinn aangekomen, rijden we een rondje met open mond: noem je dit een camping en durf je daar echt 28 euro per nacht voor te vragen??!! Het was niets meer dan een 'grasveld' tussen fabrieksgebouwen weggestopt. Volgens de folder met uitzicht op de oude stad en aan zee gelegen. Ja, wanneer je de moeite nam op 200 meter te lopen naar de snelweg die er langs liep.. Wij dus door naar een volgende camping in Talinn.. Was ook niets meer dan een verlopen veld met een overdekt hok, voor 23 euro per nacht..... Dat hok kwam goed van pas, want het regende inmiddels nog harder en we hadden kip.. Onder het nuttigen van de kip, viel binnen 30 minuten het unanieme besluit dat Talinn het niet zou gaan worden.. Talinn.. Het zal allemaal best, maar niet nu. Wij dus de trouwe Nissan weer gestart en op richting Russische grens. Naar Toyla.. Een camping aan de Finse bocht. Van alle gemakken voorzien en nog geen 12 euro.

Inmiddels hebben we 3.200 kilometer op de teller staan. Het gaat de goede kant op. Vandaag besteed aan het verkennen van de omgeving. Het is het grensgebied van Estland en Rusland. Dus interessant. Het leuke is dat we inmiddels andere vogel geluiden horen en dat het niet echt meer donker wordt. We zien zelfs de eerste eland waarschuwings bordjes langs de weg. We zijn echt ver van huis. Het landschap is over het algemeen leeg en leeg. Afgewisseld met erg veel (half) verlaten steden en volledig
verlaten industrie complexen. Aan de kust grote, tot ruïne vervallen villa's en hotels. We denken dat de Sovjet elite hier vroeger zat. Maar na het zelfstandig worden van Estland zijn deze Russen 'vriendelijk' verzocht op te rotten. Later horen we een ander verval, wat waarschijnlijk aanvullend moet zijn. In dit gebied lagen/liggen uraniummijnen (deze hebben we gezien) en ook allemaal fabrieken die met de nucleaire zooi te maken hebben. Het was in de Sovjet tijd een belangrijk nucleair kenniscentrum. 1 dingen weten we wel.. Het was een tering zooi... En het meurde onwijs. Zo'n gore penetrante lucht die op je keel slaat. Later ook hoorden we dat we nog een boel nucleair afval ligt in een bedenkelijke situatie. Hmmmm. Blijft het daarom zo lang licht?

Het grensgebied met Rusland is verder super cool. Bossen, bossen en bossen met daartussen, maar het liefst samen moeras. En muggen. Enorm veel muggen. We hebben er eigenlijk al de hele reis last van, maar het begint nu echt dramatische proporties aan te nemen. Hele wolken van die krengen. Dan maar roken als een ketter, dat houdt ze tenminste nog een beetje op een afstand, maar ook dat maakt allemaal niet uit. We zien vanaf Estland inmiddels voor de eerste keer een Russisch dorpje aan de andere kant van de rivier. Ook kunnen we inmiddels communiceren met de mensen met onze Russische woordenboekjes. We zitten hier duidelijk vlak bij ons doel: Rusland!! Daar gaan we morgen naar toe. Maar eerst nog een fik op het strand. Enorm gezellig. Ook een man ontmoet die heeft meegegeten die in zijn eentje van Nederland naar Moermansk fietste en weer terug. Voor het goede doel nota bene. En dat op je 65ste.

Vandaag gaat het gebeuren. De grens met Rusland bij Varna zal worden overgestoken. Zijn onze papieren op orde, is het gevaarlijk, hoe zit het met de Maffia. Natuurlijk blijkt het allemaal mee te vallen, maar bijzonder is het wel. Eerst moet je buiten Varna naar een aparte omheind gebied. Daar krijg je een label en met die label moet je naar lang wachten naar een loket. Bij dat loket krijg je een groen briefje. En dan mag je doorrijden. Dan rij je naar de daadwerkelijke grens met Rusland. Een bijzonder gebeuren midden in de stad. Het groene briefje lever je in aan de Estse grenswacht. Dan mag je doorrijden naar de eerste controlepost. Je moet je paspoort laten zien aan de volgende Estse grenswacht. Nu rij je weer verder en sta je op een brug. En voor ons begint de echte Russische grens. Bij elkaar 4 keer een controle van onze paspoorten. Diverse papieren worden ingevuld, gecontroleerd en aangeleverd. Het levert de nodige glimlachjes op van de Russische grenswachten. Want wat moet je nu met 4 van die glimmende gezichten in een afgeladen Nissan die er duidelijk niets van begrijpen, maar die ook geen kwaad in de zin hebben. Na veel gedoe en vooral wachten en nog een wachten. De boel op orde. We mogen gaan. Deze overgang kostte ons 2 uur.. Vele malen minder dan we hadden verwacht. En al helemaal niet zo'n hel als je wordt voorgehouden. Het was een bijzonder ervaring dat wel.

1.5 - Estland | Grensperikelen

Vandaag is het een spannende dag. We moeten Rusland zien binnen te komen. Om vrij te kunnen reizen is ons paspoort voorzien van een zakenvisum. Ook de papieren voor de auto zouden in orde moeten zijn. Maar toch, zou het allemaal wel goed gaan? Bij de grens komen we wel, waar voorlopig alles mee is gezegd. De Estandse grenswacht wil de slagboom niet voor ons omhoog doen. We begrijpen niet wat hij van ons wil. Smeergeld hoeft hij van ons niet te verwachten. Zit hij misschien gewoon een beetje belangrijk te doen of zo? De sfeer wordt al snel minder vriendelijk en we moeten dan ook opzij. We weten zeker dat we worden besodemieterd. Zo zijn we druk bezig een hele reeks vooroordelen de revue te laten passeren, als we een andere automobilist een groen briefje zien overhandigen. Daarmee wordt de slagboom wel geopend. We begrijpen nu wat de grenswacht ons in alle redelijkheid probeerde uit te leggen.

Op een soort van plattegrond rijden we terug naar de buitenwijken van Narva. Daar komen we terecht op een grote lege vlakte, dat met hekken is afgesloten van het normale leven. Geen idee wat we hier moeten doen. We krijgen een kaartje met daarop het nummer 'drie'. Het lijkt ons logisch dat we daarmee bij paaltje nummer drie gaan staan. Nee dus, want paaltje nummer drie is gereserveerd voor vrachtwagens.
Wij moeten aansluiten bij de Esten in rij twee. De persoon die rijdt moet zich melden bij een loket. Alle andere passagiers mogen de auto onder geen beding verlaten. Ondanks al deze veiligheidsmaatregelen, hoefde Martin alleen maar het kenteken door te geven. Op een groen briefje - het groene briefje - worden de eerste vier tekens van het kenteken genoteerd. Zonder verdere plichtplegingen en zonder dat we ergens voor hoeven te betalen kunnen we weer terug naar de grens. Gewapend met het groene briefje maken we een betere indruk bij de grenswacht, maar vrienden zullen we nooit meer kunnen worden. De slagboom gaat omhoog en we melden ons bij de Estse douane. De auto moet open en weer dicht. De paspoorten worden bekeken en weer teruggegeven. Dan rijden we op een brug over de Narva, waar we stil komen te staan. We zien dat de bestuurders (het is opvallend dat het allemaal mannen zijn met hetzelfde soort zwarte leren jas) van de auto's voor ons uitstappen om een briefje te halen bij een kantoor. Dat vinden wij ook wel een goed idee, maar de Russische grenswachten niet. Wij moeten vooral in de auto blijven zitten. We rijden pas door als ons dat wordt verteld. We melden ons bij het eerste loket, waar de dames van de Russische douane niet zo goed weten wat ze met onze paspoorten aanmoeten. De ontwerpers van ons paspoort hebben namelijk geen rekening gehouden met gebruikers van het cyrillisch schrift.
Het is rechtdoor naar St. Petersburg Houten huizen in de modder: we zijn in Rusland
Na een hoop gedoe moeten we weer in de auto zitten om te wachten op een volgend commando. Bij het tweede loket kunnen we een migratieformulier invullen. Het derde loket is er voor de stempels in het paspoort. We hebben de smaak te pakken en rijden op eigen initiatief door naar het laatste loket. Dat is te snel gedacht. Achteruit maar weer. Eerst moet onze bagage nog worden gecontroleerd. Laat maar zien dat jullie de kampeerders zijn die jullie beweren te zijn. Bij het openen van de achterklep verspreidt de lucht van twee weken kamperen in de regen zich door de lucht. 'Stelletje gekken', zien we ze denken. Lachend worden we verzocht door te rijden voor de afsluitend controle van de autopapieren en de verzekering. Als bonus krijgen we een roze papiertje met daarop een stempel. Daarmee melden we ons bij de slagboom, waar onze paspoorten nogmaals worden gecontroleerd. De slagboom gaat open en we zijn in Rusland... Stop! Politie! Zou dit dan de maffia zijn waarvoor we zo zijn gewaarschuwd? Nee hoor, alleen maar een controle van het rijbewijs. Dan zijn we er echt. We zijn er: RUSLAND.
Ga naar boven