14 - Vietnam | Halong Bay en Hanoi

De afgelopen twee weken hebben we doorgebracht in de hoofdstad (Hanoi) en de bijzonder ontspannende omgeving van Halong Bay. Hanoi is een stad met 3,5 miljoen inwoners en 80 miljard scooters en motoren. Een volslagen gekkenhuis op straat. Veilig oversteken is alleen maar mogelijk door je met ware doodsverachting op de straat te begeven en rustig door te lopen. Grootste fout die je kunt maken is het versnellen van je pas of plotseling stil te gaan staan! Het leven speelt zich hier op straat af, wat niet zo vreemd is gezien het tropische klimaat. Alle Vietnamezen in Hanoi zijn ook handelaren. Overal winkeltjes op, aan en langs de straat. Elke straat heeft haar eigen soort winkels en producten. Alsof de gilden hier nog werken! Als je weet welke straat wat verkoopt, kun je hier alles krijgen. Vietnam is dan wel een socialistisch land, maar de mate van handelen laat dat zeker niet blijken (wat moeten ze wel niet denken van het kapitalistische westen?). Het mooiste aan Hanoi is wel dat je overal op straat kunt eten en bovenal een biertje kunt drinken op kleuterstoeltjes, voor maar 7,5 eurocent heb je een halve liter goed smakend vocht! Je zit dan wel in de goot, maar dan zit je wel gelijk goed, wanneer je te veel mocht drinken. Rustig een biertjes drinken is er natuurlijk niet bij, want ook dan weten de verkopers je te vinden. Dit maal zijn het dan voornamelijk de boekenverkopers. Alle boeken die je je maar kunt wensen, zijn verkrijgbaar. Gekopieerde exemplaren weliswaar, maar wat maakt het uit. Officiële exemplaren zijn in Vietnam toch bijna niet te krijgen. Voor een paar euro heb je zo weer een paar kilo boeken!

Vanaf Hanoi gingen we naar Halong Bay, ten zuiden van Hanoi. Met de trein gingen we eerst naar de havenstad Haiphong, maar doordat we ons hadden vergist in het treintijden systeem (niet te begrijpen), kwamen we daar te laat aan om de boot te halen naar onze bestemming: Cat Ba Island. Dit te laat komen had ook te maken met de snelheid van de trein. We hadden namelijk de slow train, dit is dan ook echt slow! Met 20 kilometer per uur raasden we naar het zuiden. Dwars door winkelstraten en vlak langs woonhuizen ging de trein. 5 uur voor een afstand van 100 kilometer. Naarmate we zuidelijker komen, neemt de snelheid van het transport af! In Haiphong worden we direct lastig gevallen door een akelig mannetje op een scooter, die beweerde te werken voor 'Foreigner Security Office'. Natuurlijk! Zulke figuren zijn maar op een ding uit en dat is geld aan je verdienen. Mocht hij je ergens brengen dan zijn de kosten van hotels en transport plotseling een stuk duurder. We gingen naar een hotel, waar ons werd wijsgemaakt dat we op moesten schieten, voordat de kaartjes voor de boot van morgen waren uitverkocht. Natuurlijk! We liepen langs een loket dat (te dure) kaartjes verkocht voor de boot. Ze beweerden het enige kantoor te zijn dat kaartjes verkocht. Natuurlijk! We liepen langzaam naar de haven om in alle rust te lopen langs het grote aantal verkooppunten van boottickets. We worden achtervolgd door twee verkopers, wij geven aan dat de kaartjes toch echt goedkoper moeten, want we weten dat dat kan. We geven aan dat we toch echt geen haast hebben en dat we wel naar een ander gaan! We krijgen het beste compliment dat je van zulke mensen kunt krijgen: 'You're intelligent people'. Zeker waar, 'we are tourists, but not stupid'. We verkrijgen uiteindelijk voor de juiste prijs de kaartjes voor de boot. Deze vertrekt de volgende morgen om 6.20 uur in de morgen. Die tijden hier!

Halong Bay
Van Haiphong is het 2,5 uur varen naar Cat Ba Island in Halong Bay. Halong Bay bestaat uit 4.000 eilanden in de groenblauwe zee. Cat Ba Island is het enige bewoonde eiland. Op Cat Ba Island nemen we onze intrek in een hotel, waar we vanuit ons bed uitzicht hebben op de baai en de eilanden! Voor maar 3 euro per nacht is dat zeker geen verkeerde deal! Wat is er te doen in dit gebied? Genieten en relaxen! Na vier maanden reizen, waren we er wel aan toe om de zee te zien, aan een strand te liggen en te zwemmen in een warme zee. Een tropische zee was voor ons alle twee iets nieuws! De stranden hier op Cat Ba Island waren super chill en rustig, als je tenminste de mooiste nam om iets verder te lopen! Helaas was er twee weken geleden een tyfoon geweest, die Cat Ba Island een voltreffer had gegeven. Een groot deel van het strand was niet meer en de voorzieningen die aan het strand stonden waren gereduceerd tot een bende puin. Dit nam niet weg dat het een aantal dagen super chillen was. Wel een beetje vreemd om dat puin achter je te zien liggen (gedachten over de toeristen in Thailand na de Tsunami kwamen op?). De zee was warm en helder, de lucht blauw, de temperatuur hoog, het fruit vers en zoet, de vis vers! Wat een leven!

Na twee dagen kwamen onze vrienden, met wie we al twee weken in Vietnam hadden doorgebracht (Phil, Yan en Jennifer), naar Cat Ba Island. Met hen en twee Duitsers (Daniël en Carmen), die we op het strand hadden ontmoet, hebben we een boot met kok en kapitein gehuurd, om twee dagen en twee nachten rond te dobberen tussen de 4.000 eilanden! Dit was het mooiste dat we ooit hebben gedaan! Wat is er lekkerder dan een klein houten vissersbootjes, waar je op het dek onder de sterren kunt
slapen, terwijl je in een tropische zee ronddobbert? Lekker zwemmen en snorkelen in de warme zee. Voor de eerste keer genieten van gekleurde vissen en koraal! Relaxen aan boord van de boot, terwijl de kok vers gevangen vis klaarmaakt! Duur zal je denken? Welnee, zolang je alles zelf regelt is alles zeer goedkoop! Hoe meer georganiseerd, hoe hoger de kosten en hoe minder rust en plezier! Op Cat Ba is het bijzonder grappig toeven. In China was Floor de queen van de lage prijzen. Hier op Cat Ba zijn het de blauwe ogen van Jeroen die alles mogelijk maken. Na 8 dagen moesten we helaas wel weer weg. Het was tijd ook, want het is niet echt normaal wanneer je alles automatisch een stuk goedkoper krijgt omdat ze je inmiddels kennen: 'price for you no problem!'.

Vliegen naar Laos
We moesten na 8 dagen Halong Bay weer terug naar Hanoi, omdat we 12 oktober zouden vliegen naar Vientiane in Laos! Vliegen? Ja! Zoals jullie weten hadden we het principe om Australië te bereiken zonder gebruik te maken van een vliegtuig. We vonden het nu echter een wijs besluit om de oversteek naar Laos met het vliegtuig te doen! Er waren namelijk maar twee grensovergangen die voor ons de moeite waard waren, om te gebruiken tussen Vietnam en Laos. De ene lag echter veel te veel naar het zuiden en de andere was allen te bereiken door middel van uitputtend transport. Een reis van 24 uur zou niet ongewoon zijn. Daarnaast wordt er geadviseerd om niet per bus te reizen tussen Noord-Vietnam en Laos, omdat de kans dat je in extreme mate wordt opgelicht zeer groot is. Om geen gezeik te krijgen en ook om potentieel gevaar te vermijden, hebben we er daarom voor gekozen om dit keer het vliegtuig te gebruiken voor een afstand van 400 kilometer. We zitten inmiddels in de hoofdstad van Laos, Vientiane aan de Mekon rivier! Het is hier bijzonder relaxed en heet!

Vietnam en de Vietnamezen: Vervolg
Vietnam was voor ons een echte positieve verassing. Het noorden schijnt echter wel totaal anders te zijn dat het zuiden! Dat heeft natuurlijk ook weer met de geschiedenis te maken! Vietnam is een socialistisch land, maar buiten de enorme hoeveelheid rode vlaggen en propagandistische affiches is daar niets van te merken! Op straat hangen luidsprekers, die tussen vier en vijf 's middags, worden gebruikt om op schelle toon van alles en nog wat kenbaar te maken! Wat is ons niet bekend! Er wordt echter door niemand aandacht aan besteed! Het aparte is dat socialisme in Vietnam niet heeft gezorgd voor een robotisering van de bevolking, zoals je dat wel ziet in China. De mensen hier in Vietnam zijn individuen en iedereen doet z'n eigen ding! De oorlog is echter nog overal aanwezig! Niet alleen door de continue stroom herdenkingen en festiviteiten met betrekking tot de zelfstandigheid en de oorlog, maar ook minder nadrukkelijk door de vele inzamelingen ten behoeve van de slachtoffers van 'Agent Orange'. Agent Orange is het chemische goedje (ontbladeringsmiddel) dat de Amerikanen in miljoenen liters over Vietnam, maar ook Laos, hebben verspreid! Samen met de enorme hoeveelheid, niet ontplofte bommen, soort dit nog steeds voor veel slachtoffers. Het grondwater is op veel plekken extreem verontreinigd en kinderen hebben erfelijke afwijkingen. De Amerikaanse overheid weigert echter te erkennen dat ze iets hebben fout gedaan en weigeren daarnaast ook om de vele slachtoffers financieel te steunen. Vieze ratten zijn die Amerikanen. Voor Vietnam gebruikten ze de identieke oorlogsretoriek, als die ze nu voor Irak hebben gebruikt! Wat is er toch voor elementairs mis met de VS?

En verder
Wat ons opvalt is dat er maar een zeer klein deel van de reizigers zelfstandig reist. Wat ons opvalt is dat de meeste mensen georganiseerd op reis zijn! Nagenoeg iedereen boekt volledig georganiseerde trips naar de hippe bestemmingen! Resultaat is echter dat je altijd de hoofdprijs betaald en dat je exact hetzelfde doet en dus ziet als iedereen! We zijn daarom echter wel trots op dat wij alles wel zelf doen! Een jeep en een boot huren en dat soort dingen! We blijven daardoor bijzonder flexibel, zonder dat ons een programma door de strot wordt geduwd! Wat ons ook opvalt is hoe makkelijk iedereen met dollars loopt te smijten. De toeristenindustrie in Vietnam begint daar aan gewend te raken, waardoor er een schijn economie in stand wordt gehouden door veel te hoge prijzen. Mensen betalen zonder blikken of blozen 40 dollar voor een treinkaartje aan en reisorganisatie, terwijl de echter prijs 17 dollar is. Hetzelfde met fruit: voor nog geen dollar koop je een kilo fruit, veel toeristen betalen echter een dollar per stuk. Ga maar door. Onze mening is dat je daarmee moet oppassen wanneer je zelf deze landen bezoekt. Ten eerste raken de mensen gewend aan toeristen die dat soort malle bedragen betalen, waardoor toekomstige (low-budget) reizigers worden benadeeld. Ten tweede worden de prijzen op deze manier opgedreven en dat kan nooit goed zijn voor het realiseren van een gezonde toeristen industrie.

13 - Vietnam | Het bijzondere noorden

Inmiddels is het al weer bijna 3 weken geleden dat we een laatste verslag hebben geschreven over onze ervaringen in het verre oosten. Ons laatste verslag hebben we geschreven vanuit Dali (China). Daar hebben we een aantal dagen doorgebracht om te wachten op ons visum voor Vietnam. Aan de afstanden in China zijn we inmiddels gewend geraakt. We moesten 3 dagen wachten op het visum, dus daarom gingen we maar 350 kilometer verderop daar op wachten! Vreemd eigenlijk. Dali was ontspannen, maar het was wel duidelijk dat we inmiddels genoeg hadden van China. Het kon ons allemaal niet heel meer boeien! Terug naar Kunming om een dag later met de bus naar de grens te gaan (Hekou). Kunming is een overvolle, vervuilde stad. Wanneer je op straat loopt, zijn je ledematen zwaar en de ademhaling moeilijk. Ook echt niet meer normaal wat een hoop verkeer en een lawaai. Weg hier, maar eerst een CD met Chinese muziek gekocht, voor de prijs van 1,60 euro. Zoals al eerder gezegd: je wordt hier extreem hebberig, want alles is hier zo verschrikkelijk goedkoop. 'Helaas' leent onze reis zich niet voor veel aankopen!

Vanaf Kunming gingen we met de bus naar de grens. Een nieuwe ervaring, want het was een nachtbus. In China betekent dat een sleeper-bus. Een bus gevuld met bedden (3 rijen, 2 hoog). Een kant bestond uit een zeer smal 2-persoonsbed. Gelukkig reizen wij samen, want je moet er echt niet aan denken om naast een rochelende Chinees te liggen in een bed, waarin persoonlijke ruimte niet bestaat. Om je in deze bus niet onveilig te voelen, moet je niet denken aan mogelijk gevaar. De uitdrukking 'rijden als een Mongool', kennen we al.. Maar je kunt de uitdrukking ook makkelijk aanpassen 'rijden als een Chinees'. Het credo is: eerst doen, dan nadenken! Gelukkig zijn we heelhuids (geradbraakt) aangekomen bij de grens. Inmiddels hadden we een groepje gevormd met 3 mede-reizigers. Bij de grens, in een achteraf straatje, het resterende Chinese geld (Yuan) omgewisseld naar Vietnamese valuta (Dong). De verhouding Euro-Dong is 1 op 20.000. Na ook nog wat dollars te hebben omgewisseld, waren me multi-miljonair met 3,6 miljoen Dong in de pocket! De grens was een makkie, vergeleken met de eerdere grensovergangen die we hadden gehad: de grens bestaat uit een brug over de rivier, die je per voet oversteekt. De grenswachten zijn vriendelijk en behulpzaam en na een uur, gevuld met diverse officiële bezigheden, kwamen we in ons volgende socialistische land: Vietnam.

Vietnam: Sapa
Vanaf de grens was het een half uur naar het bergstadje Sapa. Een voormalig Frans koloniaal rustoord, maar doordat de Fransen er in de jaren 50 zijn uitgeknikkerd, is het er een zeer aangenaam oord. Hier hebben we zes dagen doorgebracht, te midden van de Montagnards (Frans voor bergbewoners), die ons eerst van alles willen verkopen (tassen, sieraden, armbanden, kleden, opium en marihuana), maar later vriendinnen worden! Door het continue gezuig op de opiumbolletjes, zijn ze in de avond echter zo vaag als een knikker. Deze mensen kunnen bijna geen van allen lezen en schrijven, maar ze zijn opvallend taalgevoelig. Ze spreken vloeiend Engels (geleerd van de toeristen), maar daarnaast spreken ze een beetje Duits, Nederland, Frans, Italiaans, Spaans... Ga maar door.. Je zegt ze een keer een zin in het Nederlands voor en daarna weten ze deze zin te onthouden en ook nog eens perfect uit te spreken. Dit moet iets genetisch zijn. In Sapa hebben we veel gewandeld tussen de rijst-terrassen en de de afgelegen dorpen, die alleen per voet zijn te bereiken. Waar vind je dat soort plekken nog? Hier kun je tenminste wandelen in de natuur! Erg bijzonder om op plekken te komen, waar het leven hetzelfde is als een paar honderd jaar geleden! Geen auto's, geen televisie. Alleen de houten huizen op palen met de waterbuffels en de vriendelijke en mooie Montagnards! We wilden vanuit Sapa eigenlijk een 2-daagse tocht op de motor maken, maar een tyfoon 300 kilometer ten zuiden van ons, maakte dit onmogelijk. Twee dagen van extreme regenval, wat de wegen zeer gevaarlijk maakte. Dit vanwege de aardverschuivingen en de grote hoeveelheid water en modder op de weg. In plaats daarvan gingen we met ons tijdelijke reisgroepje, een aantal dagen later met een 4-wheel-drive met chauffeur op weg voor een 7-daagse tocht door het noord-westen van Vietnam. Vanaf Sapa, via Lai Chau, Dien Bien Phu, Son La, zijn we inmiddels aangeland in Hanoi.

Sapa - Hanoi
Je kunt stellen dat rijstterrassen misschien wel het enige door mensen gemaakte cultuurland is, wat het landschap alleen maar aantrekkelijk heeft gemaakt. Onze tocht door het noordwesten van Vietnam, nam ons niet alleen langs dit indrukwekkende landschap, maar ook door het tropisch regenwoud in het grensgebied met Laos. Wat een tocht! Duidelijk
van het toeristenpad, want blanken zijn we op twee na niet tegen gekomen! Zwemmen in de rivier om af te koelen in de tropische hitte van de dag, poolen op krakkemikkige pooltafels op straat (je kunt hierdoor de tafel de schuld geven van je slechte spel), exploderende vallende sterren, regenbogen in de blauwe lucht, grote vlinders, frisse lucht, kakkerlakken op je rug, invasies van mieren op de hotelkamer, 'romantische' klamboes, pijproken met de locals, motorrijden over bochtige wegen, hitte, groener dan groene bomen, enz. enz. Vage dingen: 1. alcoholische dranken in flessen, gevuld met slangen, schorpioenen en zeer vieze insecten. 2. een 'hotel' in een kelder onder een restaurant, waarschijnlijk voor mensen op 'doorreis' naar Laos, maar misschien bewaakt door psychopatische Vietcong soldaten. Dit 'hotel' hebben we maar overgeslagen.

Het gebied waar we doorheen reden, was het gebied waar de Fransen hun nederlaag leden in de jaren 50. Vietnam was namelijk een kolonie van de Fransen en ze wilden deze na 2e wereldoorlog terughebben of behouden ( het hangt er van af hoe je het bekijkt). De Vietnamezen dachten daar toch even anders over. Helaas vonden de Amerikanen het nodig om zich er mee te gaan bemoeien en ze namen het na de nederlaag van de Fransen over. Niet nadat ze serieus hadden nagedacht op een atoombom te flikkeren op Dien Bien Phu om de Fransen te 'helpen'. Krediet voor de Fransen: zij waren daar zeer op tegen. Het is echter wel vaak om te weten dat je in een plaats bent gewent die er bijna niet meer was geweest. Kolere Amerikanen.

7 dagen waren eigenlijk ook weer te kort. We hadden dus besloten om onze auto en chauffeur gedag te zeggen en te blijven hangen in de jungle. Maar net toen we dat hadden besloten, was er een nieuwe tyfoon in Vietnam aangekomen. Dit keer een stuk zuidelijker, maar de regenval en de wind waren er niet minder op.. We besloten dus toch maar door te gaan naar Hanoi. De reis er naar toe was de meest gevaarlijke die we tot nu toe hadden gemaakt. De werking van erosie in de meest extreme zin: overal nieuwe aardverschuivingen en modderstromen, zicht soms nul vanwege de regen, afgesloten wegen en vastgelopen auto's. We waren blij met de 4-wheel drive en onze beheerste chauffeur. Hij bleef cool, dus wij bleven cool (coolheidsfactor was overigens wel verschillend). Aangekomen in Hanoi, bleek hoe hard het eigenlijk wel niet had geregend.. Volledig ondergelopen straten:20 centimeter of meer. De Vietnamezen kon het niet deren, deze reden vrolijk door op hun motoren en scooters. Door de enorme hoeveelheid van deze dingen en de grote hoeveelheid water, was dit de meest indrukwekkende stadsentree die we ooit hebben gehad.

Vietnam en de Vietnamezen
Onze eerste indruk van de Vietnamezen is bijzonder positief. Het is net als China een socialistisch land. Maar buiten de rode vlaggen, de staatsaffiches en de luidsprekers die propaganderen, merk je daar niets van. De Vietnamees is een individu en geen collectief. De Vietnamees lacht veel en is zeer vriendelijk en behulpzaam. Je moet echter wel oppassen voor dubieuze oplicht praktijken. Gelukkig zijn we wijs geworden in China. We hadden bijvoorbeeld een contract opgesteld voor de 4-wheel drive tocht. Je moet hier ook altijd vragen wat iets kost, voor je iets koopt. Dit geeft echter geen garantie dat de uiteindelijke rekening dan ook klopt. Beproefde methode: de rekening en een pen pakken en zelf de prijzen aanpassen en doorstrepen waar je het niet mee eens bent. Werkt tot nu toe iedere keer. Vietnam is verder een goedkoop land om te reizen, maar overnachtingen zijn weer duurder dan in China. Al met al geven we echter niet veel geld uit. We houden het voorlopig dus nog wel even uit!

En verder
We blijven de komende dagen nog even in Hanoi hangen tot de tyfoon is gepasseerd. Daarna gaan we naar de kust: Halong Bay (Cat Ba Island). We hebben al 4 maanden geen zee meer gezien en we hebben beiden nog nooit een tropisch strand gezien, laat staan in een tropische zee gezwommen of onder een kokosboom of palmboom op een wit strand gelegen. We kijken daar erg naar uit. Helemaal omdat je daar op het strand kunt kamperen met je eigen tent. Die hebben we nog steeds bij ons en het wordt weer eens tijd om deze te gebruiken. Na Mongolië heeft onze tent ook meer karakter, net als wij! Qua gezondheid valt er alleen maar op te merken dat alles zonder problemen verloopt. Floor verbrandt af en toe en Jeroen heeft een aantal wratten die verwijderd moeten worden. Dat is eigenlijk het enige waar we last van hebben! Dat zal wel niet zo blijven, aangezien we na Vietnam de jungle van Laos in gaan. Jullie zullen het allemaal wel weer horen!
Ga naar boven