Vanaf ons luxe appartement in het toeristische centrum van Praag, stappen we op onze fietsen voor de eerste kilometers van wat er enkele duizenden moeten worden. Door de winkeliers in de Joodse wijk worden we voorzichtig uitgezwaaid, omdat ze het niet echt normaal vinden dat we op de fiets naar Syrië op weg zijn. In Praag starten we op fietsroute 1 naar Brno, een route die door een steeds groener wordend Tsjechië voert. De heuvels worden langzaam hoger. Velden vol met koolzaad worden afgewisseld met stukken bos van het type den. De wegen voeren door kleine dorpen en af een toe een stad als het historische Kutna Hora. Langs de rustige wegen staan de kersen-, appel- en perenbomen vol in de bloemsem. De lucht is dik van de geuren: bloemsem vermengd met koolzaad en dan weer een vleugje bruinkool: heerlijk, we zijn in Tsjechië.
Grote oppervlakten van het land zijn begroeid met koolzaad De fruitbomen langs de wegen staan in de bloesem
Fietsen naar Brno is een feest. De route volgt rustige wegen en af en toe rijden we over speciale fietspaden. Dan weer verhard, dan weer onverhard. We rijden ons zelf een keer vast in de klei, van het type waarmee je op school leert boetseren. We komen er daardoor achter dat de wielen dan niet meer draaien en de remmen niet meer werken. Het voordeel is dat je geen remmen nodig hebt als de wielen niet meer draaien. Over fietsroute 1 komen we op een zaterdag Brno binnen rijden. Na alle rustige wegen zijn we aanbeland in een enorme massa recreërende Brno-ers. Met hun duizenden zijn ze aan het fietsen, wandelen, skeeleren, kinderwagens aan het verplaatsen en van de zon genieten. Ze zijn dus massaal aanwezig op het geheel vrij gelegen, 20 kilometer lange fietspad door deze industriestad in het oosten van Tsjechië. Twee stoplichten zijn de enige hindernissen die we tegenkomen. Brno is een paradijs voor een fietser.

Vanaf Brno is het nog steeds een kleine 200 kilometer naar de Slowaakse
grens. We volgen een groene route, die ons eerst door het Moravische wijngebied voert. Heuvels vol met wijngaarden worden afgewisseld door de gele koolzaadvelden. Dit landschap levert een mooi kleurenpalet op: de blauwe lucht met de groene hellingen van het nog tot bloei komende koolzaad en de gele velden met reeds bloeiend koolzaad. Dan gaan we door uitstrekte loofbossen gevuld met beuken. Kleine beekjes stromen langs de weg; het kabbelende water werkt rustgevend. Behalve het suizen van onze banden, wordt het enige andere geluid veroorzaakt door de duizenden vogels die fluiten en tsjilpen alsof hun laatste keer is. Aan de bosrand zien we tientallen reeën die af en toe vlak voor ons over de weg springen. Het zou maar zo kunnen gebeuren dat we er een keer eentje aanrijden. Hebben we gelijk ons avondmaal te pakken. Dicht bij de Slowaakse grens komen we terecht in de Witte Tatra. De heuvels worden hoger en de hellingen steiler. Ons benen zijn nu al veel sterker dan twee weken geleden. De hellingen vormen geen probleem meer. We zijn fysiek wel klaar voor de bergen van Slowakije.
Velehrad is een belangrijke bedevaartsplaats Moravië is het wijngebied van Tsjechië
De grens tussen Tsjechië en Slowakije heeft maar kort bestaan. Toch hebben ze op deze kleine overgang, waar maar weinig gebruik van wordt gemaakt, de moeite genomen om een gebouw te plaatsen. Nu natuurlijk geheel verlaten. In Slowakije dalen we over een afstand van twintig kilometer naar het dal van de Vah rivier. De bergen zijn hier rauwer dan aan de Tsjechische kant. De dorpen zien er armoediger uit en de wegen hebben grote gaten.  We gaan weer over op de Euro, nadat we in Tsjechië met de Kroon hebben betaald. Op de camping in Trencin komen we terecht tussen mannen in het zwart, met grote baarden en nog veel grotere motoren. Het feest dat ze op de camping zouden gaan vieren, valt helaas volledig in het water door een enorme regenbui die 12 uur aaneengesloten uit de lucht komt vallen. Het was een bui van het type: nou, nou, was dit nou echt nodig
Ga naar boven