5.23 - Australië | Karijini: Weano Gorge

Slapen in de auto is eigenlijk erg relaxed. Een goed alternatief als de bodem zo hard is dat we de rotspennen de grond niet inkrijgen. De nacht is volmaakt stil en wakker worden naast een termietenheuvel is een bijzondere ervaring. Tot het moment dat er enkele jaren geleden, één of andere idioot met z’n dronken kop ’s nachts in het ravijn pleurde, kon er bij Weano nog gewoon worden gekampeerd. Voor ons maakt dat nu niet uit, want we hebben kosteloos kunnen overnachten op een onbetaalbare plek. Om 7.00 uur staan we klaar om af te dalen in de Hancock Gorge. Via een soort van trap, die in de rotswand is uitgehouwen, een ladder en met een hoop geklauter, komen we aan op de bodem. De lopen in de richting van het vierklovenpunt, terwijl de kloof steeds smaller en het water dieper wordt. Om in een onderaards amfitheater te komen, moeten we door het ijskoude water waden, waarbij we nat worden tot boven onze heupen. Het is mogelijk om de kloof nog verder en dieper te exploreren, maar daardoor moeten we de zogenaamde ‘spiderwalk’ overwinnen. Dit betekent dat je jezelf met je knieën en ellebogen, over de gladde rotsen naar beneden moet zien te krijgen, door het krachtig stromende water. Het probleem is alleen dat je via dezelfde weg ook weer terug moet en dat je een probleem hebt als je uitglijdt en in de poel valt. Dan kun je namelijk niet meer terug. Vallen is überhaupt niet aan te raden, omdat de kans op serieus letsel groot is. Om twee redenen hebben we daar geen zin. Als eerste: Als je in of voorbij de Spider Walk wat breekt of alleen maar verstuikt, kun je niet meer zelfstandig terugkomen. Er moet dan een reddingsoperatie worden gestart die 13-14 uur in beslag neemt. Wanneer je vast komt te zitten in het ijskoude water dat hier maar 5 graden is, overleef je dat dus niet. Ten tweede: Je wordt door de hulptroepen vervoerd naar Perth, waarvan de lol alleen maar is dat je dan kunt vertellen dat je in een Flying Doctors vliegtuig hebt gezeten. De kans dat er iets fout gaat is dan wel kleiner dan de gevolgen, maar volgens onze risico-analyse, concluderen wij dat het niet verantwoord is om door te klauteren.

Maar wauw. Wat is dit te cool. En inderdaad beleven we dit ook helemaal alleen. We gaan terug zoals we zijn gekomen en gaan op weg naar de Weano Gorge. Helaas worden we nu achtervolgt door een vroege toergroep. Deze kloof is zo mogelijk nog indrukwekkende dan de Hancock Gorge. De kloof is zo smal en de wanden zo hoog, dat deze wandeling de illusie opwekt dat we onderweg zijn naar het middelpunt van de aarde. De smalle  
richels langs de steile wanden zijn zo glad, dat we er niet aan ontkomen om tot door het ijskoude water te waden, terwijl het water tot ons middel komt. Het is nog een heel gedoe om de rugtas droog te houden. Langs een touw dalen we in de Handrail Pool. We kunnen nog verder door de kloof totdat het water zo diep wordt dat we moeten zwemmen. Het water is hier ook maar maximaal 5 graden Celsius en we moeten dezelfde weg ook weer terug. Omdat er op deze diepte geen zonlicht doordringt raak je sneller onderkoelt dan je zou willen. We rillen en trillen wat af en vinden het dus wel mooi geweest. We hebben het punt bereikt dat we het risico onaanvaardbaar vinden. We zijn verbaasd over de toergroep, die heel langzaam verder gaat door het ijskoude water. Zonder uitzondering staan ze te wankelen van de kou. De gids is naar onze mening onverantwoord bezig. Er hoeft maar één toergroeper in een shock te raken en de hele groep wordt in de problemen gebracht.

Van dit gebied zijn we erg onder de indruk. Terwijl we ons diep in de kloof bevinden, komt de zon steeds hoger te staan. Langzaam zien we keuren verschijnen. De zwarte wanden kleuren donkerrood. Iemand die nooit in Australië is geweest, zal geen benul hebben wat rood is. Je hebt rood, rood, rood, rood en je hebt rood en alle roodtinten die daartussen vallen. Hoe kunnen we dit vastleggen? Onmogelijk. Dit moet opgeslagen worden in het geheugen voor de betere herinneringen.

Nog nagenietend van alle avonturen zien we voor ons de rode zon, die ondergaat achter een met bollen spinifex gevulde heuvel en onze volledig roodbestofte auto. Een van onze kisten hebben we als tafel voor ons neergezet, waarop twee glazen rosé staan van het merk Coolabah). Een meter achter ons staat een enorme roodpaarse termietenheuvel. Het landschap waar we nu zijn, laat zich enigszins als volgt omschrijven: een heuvelachtig landschap, waar tussen de groene bollen spinifex en de witte stammen van de eucalyptusbomen, de paarsrode bodem zichtbaar is. Overal staan de paarsrode kastelen, die worden bevolkt door de termieten. Tussen dit heuvelachtige landschap lopen, als donkere lijnen, de tot honderd meter diepe kloven. Indrukwekkender dan dit hebben we het nog niet eerder gezien. Ik vergeet nog te melden dat alle kleuren samengaan met de altijd aanwezige blauw lucht. Floor merkt op dat een voorbij huppende kangoeroe goed in het plaatje zou passen.
Ga naar boven