5.28 - Australie | Newman - Mt. Robinson rest area (105 km)

Op de weg van Newman, terug naar de kust, stoppen we bij Wanna Muna Aboriginal rockcarvings. De locatie is gemarkeerd met twee witte palen langs de weg. Ons is verteld dat het een 'easy two-wheel-drive' zou moeten zijn. Wij zouden deze weg echter willen scharen onder de categorie 'difficult four-wheel-drive'. De laatste kilometers moeten we dan ook lopen. Het is jammer dat we hier niet met de auto kunnen komen, want we bereiken een geweldig mooie kampeerplek aan de rand van een waterpoel. De omliggende rode rotsen zijn rijkelijk voorzien van Aboriginal tekeningen. helaas zijn ook deze tekeningen het slachtoffer geworden van vandalen. We begrijpen waarom het bezoeken van sites als deze wordt ontmoedigd en waarom ze niet of nauwelijks staan aangegeven. Van de hier aanwezige tekeningen kunnen wij niet zeggen wat origineel is en wat er later door de vele kakkerlakken aan is toegevoegd. Van dokter Phil hadden we gehoord dat er hier een hele mooie afbeelding van een reeds uitgestorven Tasmaanse tijger zichtbaar zou moeten zijn. We maken een foto van de tekening waarvan we denken dat het de Tasmaanse tijger moet voorstellen. We snappen echt niet waarom deze plekken zo gevandaliseerd worden. Vergelijk het eens met een idioot die in Nederland met een zwarte marker, de doeken van Rembrandt of Van Gogh te lijf gaat. De wereld zou te klein zijn.

Met een vieze smaak in de mond lopen we terug naar de auto, waarna we in noordelijke richting rijden naar Mount Robinson rest area. Het is een mooie, gratis kampeerplek langs de Great Northern Highway. We staan tussen de spinifex en de enorme
hoeveelheid wilde bloemen aan de voet van Mount Robinson. Over het met witte bloemen gevulde dal, kijken we uit over het rode, ruige landschap naar een verderop gelegen berg. Over de Great Northern Highway rijden grote aantallen roadtrains, met wel vier aanhangers. Deze 'treinen van de weg' zijn wel 50 meter lang. Ze pendelen tussen de mijnen die niet zijn ontsloten met een spoorlijn en zijn de schakel tussen de reusachtige 'stations' en de bewoonde wereld.

Terwijl de rode zon ondergaat en de hemel 360° om ons heen oranje-roze-paars wordt gekleurd, genieten wij van onze chili-con-carne. Het leven is lang niet slecht in deze lege uitgestrektheid van Western Australia. Samen met een echtpaar uit Tasmanië, delen we het kampvuur. Natuurlijk verloopt het gesprek eerst volgens het vaste patroon: waar kom je vandaan, waar ga je naar toe, wat vind je van Australië, enz. Dit keer komt het gesprek echter ook een stukje verder. We praten over de dieren in Australië en dus ook over de Tasmaanse tijger. Het is ons inmiddels wel bekend dat Australiërs goed zijn in 'bullshitten', maar het verhaal wat we van de man te horen krijgen klinkt wel plausibel. Van beroep is hij altijd visser geweest en daarom was hij regelmatig te vinden in het volstrekt ontoegankelijke zuidwesten van Tasmanië. Daar heeft hij naar eigen zeggen de Tasmaanse tijger, wat een hondachtige is, meer dan eens gezien. Hoe mooi zou het wel niet zijn, wanneer dat waar blijkt te zijn. Dat een reeds uitgestorven beschouwd dier, nog gewoon te vinden is in een gebied dat zo afgelegen en ruig is, dat niemand daar komt.

Last modified on woensdag, 25 maart 2015 21:07

Ga naar boven