2.06 - Slowakije | Etappe 2: Terchova – Vodna Nadrz Orava (75 km)

De hele nacht horen we het water onder ons raam doorrazen. Je zag alleen niets, want het is buiten pikzwart. We zijn de enige gasten in het pension (nog steeds weten we niet wat het verschil is tussen een pension en een hotel). Niet geheel onverwacht is de lucht vertrouwd grijs. Positief is wel dat het is gestopt met waaien en dat er geen regen naar beneden komt. Hoppa, naar de overkant waar een Lidl zich heeft gevestigd, voor de boodschappen. Ook hier geen regenbroeken, maar we duikpakken in de aanbieding. Met zo veel hemelwater kan dat best wel eens van pas gaan komen. Je vraagt je wel af wat iemand in de bergen zou willen met een duikpak. Om 8.20 uur starten we onze fietsen. Met onze rode tassen maken we een onveranderd vrolijke indruk. De Slowaken zijn vroege vogels. Om 7.00 uur zijn de supermarkten open en wordt er direct flink geshopt. Om 8.00 uur stromen de scholieren uit bussen en auto’s, om tussen de muren van het schoolgebouw te verdwijnen.

Vanaf Terchova is het gestaag klimmen. We fietsen tussen de rauwe toppen van de Mala Fatra, waarvan de hellingen zijn begroeid met donkergroene dennen en lichtgroene loofbomen. Op de sappig groene weiden grazen koeien en schapen. De dorpen bestaan grotendeels uit houten huizen. We trotseren en overwinnen een lange helling met een stijgingspercentage van 14 procent. Buiten adem en bezweet komen we op de top aan. We zitten tussen de wolken. Met 2 graden is het erg koud te noemen. Met een hoge frequentie verlaten dikke wolken met damp onze longen. We trekken al onze kleren aan voor de onvermijdelijke afdaling. Het is een geweldig mooie, lange en koude afdaling langs en door de Mala Fatra, met toppen die 1.200 tot 1.600 meter in de koude lucht steken. Deze toppen zijn in witte nevelen geheuld. Het dal is smal en door het vele water wat er de afgelopen dagen is gevallen, klateren er tientallen watervallen langs de sappig groene hellingen naar beneden. Ons blikveld wordt bepaald door een grijs-zwarte streep asfalt door een verder geheel groen landschap. Dit is het leefgebied van beren, wolven en lynxen.

Voor Dolny Kubin komen wel langs de Orava te rijden. Deze rivier is verandert in een kolkende watermassa. Het aantal bomen dat in het water staat, maakt duidelijk dat de waterstaat aanzienlijk hoger is dan wat gebruikelijk is. In Dulny Kubin drinken we koffie en eten we een warme, dikke soep. Een groep scholieren komt zingend naar binnen om geld in te zamelen voor hun eindfeest. Ze worden weggestuurd door een groep politieagenten, die op de bovenverdieping wat dan ook voor politiedingen aan het doen zijn. Wij doneren ook enige munten aan het goede doel, maar dan wel in ruil voor een groepsfoto. Voor wat, hoort wat. Hierna moeten we over een drukke, met vrachtwagens vergeven smalle weg, de rivier in noordelijke richting volgen. We zijn zo blij met onze achteruitkijkspiegels. Als je ziet aankomen wat er zo veel lawaai maakt, heb je de tijd om te anticiperen in plaats van te worden aangereden.

We fietsen op een gedetailleerde kaart, dus weten we dat we bij het indrukwekkende, op een heuveltop gelegen ‘Oravsky Hrad’, af kunnen slaan op een kleinere weg. De weg is dan wel rustiger, het is wel kilometers lang klimmen met een stijgingspercentage van gemiddeld 11 procent. Ondanks de kou zweten we ons helemaal het apezuur. Even, maar vanwege de kou niet te lang, op adem komen op de 808 meter hoge top. Dan een lange afdaling, waarbij we snelheden tot 53 kilometer per uur bereiken. Dit zijn geen aangename temperaturen voor fietsers als wij. We hebben het koud en de vingers doen zeer. Op het net niet vlakke stuk tussen Hrustin en Vavrecka kunnen we ons weer warm fietsen. We fietsen door een glooiend dal, waarin fotogenieke dorpjes en identieke kerkjes her en der tussen het agrarische gebied gedrapeerd liggen. De oude vrouwen dragen jurken van het type ouderwets (of moet je wellicht authentiek noemen) en om hun hoofd dragen ze een hoofddoek. Vaak lopen ze in een hoek van 90 graden vanwege het zware werk dat ze hun leven lang hebben gedaan en vaak nog doen.

We komen aan bij ‘Vodna Nadrz Orava’, een stuwmeer van 36 km2 en 360 miljoen m3 water. In de zomer is het een favoriete toeristenplaats voor zowel Slowaken, als het aan de overkant van het meer gelegen Polen. Het gebied is nu grauw, verlaten en heeft dringend behoefte aan een lenteschoonmaak. We vinden een fijn pension aan het water, waar we voor € 37,- een kamer krijgen inclusief ontbijt. Helaas is kamperen nog steeds geen optie.

Ga naar boven