3.15 - Oekraïne | Bershad

De nacht is niet rustig verlopen, want het hotel en de locale discotheek horen bij elkaar. Zelfs de oordoppen bleken niet bestand tegen het lawaai van de jeugd van Bershad. Het complex herbergt het hotel, een kapper, een tandarts en twee restaurants die de keuken met elkaar delen. Een van de restaurants is tevens het lokale café en de luidruchtige discotheek. Wij hebben een kamer op de 2e etage, wat we Nederland de 1e etage zouden noemen. In de Oekraïne is de 1e etage de begane grond. Over verwarrend gesproken. Onze gang vormt de verbinding tussen de twee restaurant en al het eten gaat langs onze kamer. Niet dat er veel uit wordt gegeten, want dat is voor de gemiddelde Oekraïner veel te duur. Dat verklaard ook waarom restaurants zo dun zijn gezaaid. Feestjes en partijen gaan wel gepaard met veel eten, maar dat is allemaal tevoren besteld. Het menu biedt dus vaak weinig inzicht in wat er echt is te krijgen en het meeste op de kaart is dan ook niet beschikbaar voor de toevallige passanten die wij zijn.

Vanwege slechte nachtrust konden we ’s ochtends maar moeilijk wakker worden. De afgelopen drie dagen hebben we ook nog eens bijna 300 km gefietst in de zomerhitte en zijn onze billen wel wat rauw. Het kan kortom dus geen kwaad om een rustdag in te lasten. Ontbijten doen we dan ook pas om 11.00 uur. Met gebaren en de paar woorden die we inmiddels spreken, slagen we er in een ontbijt met tosti’s, sap en koffie te bemachtigen. De serveerster blijken meer moeite met de bestelling te hebben dan wij en raken helemaal van slag. In tegenstelling tot ons, want wij zijn eigenlijk wel trots op het feit dat we er iedere keer weer in slagen onderdak en wat te eten te bemachtigen.

Bershad heeft het voordeel dat het omgeven is door water. Genoeg plek dus om een koele rustdag aan door te brengen. Aan het water vinden we een mooie plek op het gras aan het water. Onder de bomen en met een verfrissende bries. Er zijn een paar moeders, oudere vrouwen met paars-rood geverfde haren en een tiental jongens van een jaar of 10-12 die stoer zitten te roken. Wij vragen ons af wanneer de massa uit Bershad hier verkoeling komt zoeken, want in het stoffige Bershad is werkelijk niets te beleven. Tenzij je een meisje/vrouw bent in de leeftijdscategorie 14-25 jaar, want dan ben je de hele dag druk met je uiterlijk. Elk half uur het spiegeltje er bij. Zitten de haren nog goed? Check op de make-up, check! Het is meer een soort bevestiging zoeken van je (on)zekerheid in je eigen spiegelbeeld. Dit moet echt rete vermoeiend zijn. Het water van het meertje is lekker van temperatuur, een soort van schoon (er staan iets verderop twee fabrieken zwarte rook uit te stoten) en dus lekker om in te zwemmen. Wij vinden deze plek best. De hele middag chillen we de pan uit met een boek aan het water.
Met oordoppen in was het een rustige nacht. Voor zevenen verlaten we het hotel en worden we uitgezwaaid door de beheerder van het hotel. Wederom de bevestiging dat wanneer het ijs eenmaal is ontdooid de relatie ook niet meer stuk kan. Het magazin, annex café, is gelukkig al om 7.00 uur geopend. Brood, salami, yoghurt, en vruchtensap. Koffie en thee krijgen we gratis en voor niets. We beginnen de Oekraïners steeds leuker te vinden. Of zijn de Oekraïners aardiger naarmate ze oostelijker wonen? Het is vandaag minder heet dan gisteren. Ook hoeven we minder te klimmen. In het stadje Vapniarka pauzeren we voor een kopje koffie met een groot zoet brood, bij een magazin/café op de markt. Het is er een drukte van belang. De persoon die naast ons zit blijkt in Odessa te wonen en geeft ons zijn telefoonnummer. Het waarom wordt ons niet duidelijk, want bellen zullen we waarschijnlijk toch niet. Wat heeft het voor zin om iemand te bellen als je elkaar toch niet kunt verstaan? In de Oekraïne zijn we een aardige bezienswaardigheid. Zonder uitzondering worden we aangekeken en nagekeken. Als wij dan reageren met ‘dobry den’ worden de (gouden) tanden bloot gelachen. Vanaf vandaag wordt er ook getoeterd door de auto’s. Fietsen is zo veel leuker dan rondtrekken met de rugtas.

Kryzhopil blijkt een stoffig stadje te zijn met een hotel en meerdere restaurants. We stoppen er voor een lunch van halve kip met brood dat we wegspoelen met halve liters kvas. De rekening bedraagt 34 UAH (€ 3,40). We fietsen op kaarten uit de geweldige Wegenatlas voor de Oekraïne op schaal 1: 500.000 (verkrijgbaar bij Reisboekhandel Pied à Terre in Amsterdam), maar nog steeds kunnen we niet aflezen wat we ergens kunnen verwachten. De kans op een hotel lijkt te worden vergroot door het aantal wegen dat er samen komen. Na Kryzhopil fietsen we door een breed dal, waarin een keten van kleine en grotere meertjes ligt. Bij één van die meertjes stoppen we om er het heetst van de dag te rusten. Onze fietsen zijn misschien een bijzonder vervoermiddel om er mee op het strandje te liggen, maar de locals komen met paard en wagen, wat wij weer erg bijzonder vinden. Hele families nemen een verfrissende duik, stappen weer op de wagen en rijden terug naar waar ze vandaag kwamen. Een andere Oekraïner komt in zijn auto aangereden. Hij is nog aan het aan werk en tussen het grote aantal telefoontjes dat hij pleegt, vindt hij tijd voor ook een paar minuten in het verfrissende water. Hij vindt onze fietser een stuk interessanter en mooier dan de Skoda waarin hij rijdt. Daar zijn wij het mee eens. Misschien ook wel door de vrolijke rode tasjes.

Door bossen en langs rietkragen fietsen we naar Bershad. Onderweg stoppen we ergens voor een koude cola, waarvan we hebben gemerkt dat dit erg lekker is bij zware inspanning bij hoge temperaturen. Vooral Floor gaat als een trein wanneer er een cola of een banaan in gaat. Het motortje krijgt dan een kick-start van jewelste, zodat ik hard moet trappen om d’r bij te houden. Aan de bosrand staan de locals aardbeien, veenbessen en paddenstoelen te verkopen. Om mooi moment om op te merken, dat er in de Oekraïne vaak een wandelaar of een fietser zomaar ergens uit het bos komt zetten. Zo kun je ergens midden in het niets aan het fietsen zijn, wanneer er plotseling een fietser tevoorschijn komt. Waar komt hij vandaan en waar gaat hij naar toe? Het hotel in Bershad heeft een kamer voor 260 UAH (€ 26,-). Eten doen we tussen de lokale jeugd, dat een feestje aan het vieren is, zonder dat er ook maar enige vorm van feestvreugde is te bemerken. Wij vallen ten prooi aan steelse blikken en geroezemoes. Wie zijn die mensen en wat doen ze hier? Het is jammer dat niemand hier Engels spreekt, want het zou wel leuk zijn om meer met de mensen in gesprek te komen.
Om zo lang mogelijk te profiteren van de koeltje van de ochtend, staan we om 6.15 uur op. Een goede nachtrust was in de stilte van deze landelijke omgeving geen probleem. Douchen kunnen we in de badkuip door emmertjes met koud water over ons heen te gieten. Het toilet is een hokje achter in de tuin, waar moet worden gemikt in een volle, ranzige emmer. De inhoud daarvan zal worden verspreid over de eigen groententuin. Onze fietsen staan in een apart schuurtje en de deur daarvan is op slot. Helaas moeten we Irina dus wakker maken om te kunnen vertrekken. Floor heeft een ansichtkaart geschreven in haar beste Oekraïens en er een biljet van 100 UAH aan toegevoegd. Dit wil Irina eerst niet accepteren, maar wij staan er op. We zouden het dubbele hebben moeten uitgeven als we een hotel hadden gevonden. Wij voelen ons daardoor niet schuldig dat we hier hebben geslapen en zij houden er nog wat aan over. Misschien dat we ze op een idee hebben gebracht voor als er nog een keer reizigers door Murovani Kurylivtsi komen.

Ondanks het vroege uur, zijn de winkeltjes al open. Water is wat we nodig hebben. Inmiddels hebben we zes liter water bij ons, waarbij we het water in een fles op smaak brengen met limonade poeder. Het landschap van gisteren zet zich voort. Diep naar beneden, de rivier over en dan weer moeizaam omhoog. Over de heuvelkam fietsen door glooiende velden met graan, zonnebloemen en koolzaad. Tot dat we weer een volgend rivierdal bereiken, naar beneden moeten en dan weer omhoog. Na Vendychany wordt het land langzaam vlakker. De dalen zijn minder diep. Nog steeds liggen de dorpen en stadjes beneden, met bebouwing langs het water en tegen de hellingen. De heuvels zijn in agrarisch gebruik. Door al die zware klimmetjes zijn we oververhit, bezweet en vies. We kunnen echter geen water vinden om aan te pauzeren. Dan maar langs een graanveld, dat vol staat met klaprozen en andere wilde bloemen. Daarboven staat een blauwe hemel, waarin wolken als watten drijven. Ook al stinken we een uur in de wind, we prijzen ons gelukkig dat we hier kunnen fietsen.

In Chernivtsj stoppen we bij een ‘magazin’ om vers water, cola, koekjes en brood te kopen. Het wordt bijna gewoon hoe dat proces verloopt. Ik stap de winkel binnen en word ronduit slecht en bijna onbeschoft geholpen. Ze weten namelijk echt niet wat ze met die zwetende buitenlander aanmoeten. Dat we elkaar niet kunnen verstaan draagt ook niet bij een soepele communicatie. Toch slaag ik er in om te krijgen wat we willen hebben. Als we dan in de schaduw voor het winkeltje zitten om af te koelen en bij te komen, komen ze ‘per ongeluk’ naar buiten. Dan zien ze een aantal zaken. Als eerste dat ik hier niet alleen ben, maar dat er ook een vrouwtje bij is. Helemaal mooi wordt wanneer ze daarna de fietsen zien staan. Je ziet de lucht opklaren en de sfeer omslaan. Het ijs is gebroken. Koffie en chocolade wordt ons als cadeau aangevonden en als we willen kunnen we blijven slapen. Althans, we denken dat er een slaapplek wordt aangeboden. Het begint net wat af te koelen en de suikers in de cola beginnen hun werk te doen. Floor staat er dus op om verder te fietsen. Weer laten we een zelfgemaakte ansichtkaart achter om ze te bedanken. Iedere keer weer een gouden zet. De kaart gaat de hele winkel door, zo leuk vinden ze zet. Hoe veel jaren later zou onze ansichtkaart er nog staan? We kopen nog wat extra proviand en vullen onze watervoorraad aan tot acht liter. Weer krijgen we alleen wat volgens hen goed, koud en vers is. Langdurig worden we uitgezwaaid als we weer op weg gaan. De Oekraïners lijken zo stug, maar het is meer dat ze niet weten wat ze met je aan moeten.

We zijn terug in het grootschalige landschap. Graanvelden bedekken de glooiende heuvels. Italiaanse populieren aan weerszijden van de weg. Op de weg is het enorm rustig. De dorpjes zijn uitgestorven. Als de avond begint te vallen, de mensen terugkeren van hun akkers (lopend, op de tractor of op de zijspan), de laatste Lada’s worden gevuld met gras voor de koe, het paard of de konijnen, rijden wij Tomashpil binnen. Nergens zijn we hotels of restaurants tegengekomen en zijn dus voorbereid op een nacht in het veld. De vraag aan een taxichauffeur levert een onverwacht positief resultaat op. Er is hier een hotel. Een ‘charmant’ gebouw in authentieke Soviet-architectuur, dat niet herkenbaar is als hotel. Mevrouw de hotelbewaakster is streng en in eerste instantie helemaal niet blij dat we er zijn. Als we haar vertellen dat we op weg zijn naar Odessa ontdooid ze. Als we haar bedanken in het Oekraïens begint ze breed te lachen. Ze heeft een kamer met douche voor 200 UAH (€ 20,-). Die douche is hard nodig na een lange dag stof, zweet, insecten en afzien. Herboren gaan we in dit stadje met brede straten en een standbeeld van Lenin, op zoek naar een restaurant. Het worden pizza’s met ketchup, kaas en salami op het terras voor het hotel. Twee grote pizza’s, thee en twee Pivo voor 40 UAH (€ 4,-). We delen het terras met een paar groepen familie en vrienden. Gedroogde vissen worden gezamenlijk gesloopt en weggespoeld met halve liters Pivo uit plastic bekers. Ook op dit terras komen de mensen langs met petflessen om ze te laten vullen met bier uit de tap. Dit is in Oost-Europa zo normaal, dat wij er eigenlijk niet meer van opkijken. Maar stel je eens voor dat je in Nederland naar de kroeg gaat met een lege petfles, om die aan de bar te laten vullen om vervolgens thuis op te drinken.
OGeen ontspannen ontbijt in het restaurant van het hotel. Opvallend is dat er vandaag geen koffie is te krijgen. Thee is wat het is. Als dat nou alles was, dan was daar nog wel mee te leven. Helaas staat er ook muziek in de categorie Celine Dion hard aan. Normaal al niet te harden, maar helemaal niet ’s ochtends vroeg zonder koffie. Het verzoek om de muziek wacht zachter te zetten, leidt dan wel tot het gewenste resultaat, de sfeer wordt er in elk geval niet beter op. De arrogante serveerster is not amused. Hoe durf je dit aan me te vragen, zie je niet dat ik veel beter ben dan jij? De meisjes en jonge vrouwen in de Oekraïne zijn dan wel bijzonder mooi en hebben klasse, hun uitstraling is vreselijk. Zeldzaam zulke neerbuigende types gezien als hier. Het moet echt vermoeiend zijn om vrouw te zijn in dit land. Alles draait hier om het uiterlijk vertoon. Vrouwen worden door andere vrouwen openlijk bekeken en bekritiseerd.

We verlaten Kamianets-Podilskyi in noordelijke richting. Direct buiten de stad is het zoals gewoonlijk weer erg rustig op de weg. We rijdend door een grootschalig agrarisch landschap, waar de graanvelden rood zijn gekleurd van de miljoenen klaprozen. Dit levert een geweldige kleurenpracht op. Hier geen paard en wagens, of boeren met de handen in de aarde. Machines doen hier het werk op de meest vruchtbare bodem van Europa: Chernozem (zwarte aarde). Chernozem is zeer vruchtbaar en heeft geen (kunst)mest nodig. De zwarte aarde is geschikt voor de verbouw van tarwe en andere granen. In de Oekraïne is de zwarte aarde tot 6 meter diep in de bodem te vinden. Naast de weg ligt een brede groenzone, waardoor we in de schaduw kunnen fietsen. Dit is nodig ook, want het begint al aardig warm te worden. We moeten vroeger beginnen met fietsen, want het is nu al 28 graden in de schaduw.

Wat opvalt is dat we geen kerken meer zien die in aanbouw zijn. Ook de bollenkerken lijken te zijn verdwenen. Kerken hebben hier weer een spitse toren, zoals ze dat ook in Nederland hebben. De kwaliteit van de wegen is aanmerkelijk beter dan waar we vandaan kwamen. Waarschijnlijk een combinatie van beter onderhoud (meer geld) en minder strenge vorst om schade aan te richten aan het wegdek. In dit glooiende landschap zijn bijna geen huizen van hout meer te vinden en ook de lintdorpen zijn verdwenen. Op het heetst van de dag, pauzeren we in Dunaivtsi op een terras. Het café is soms open, maar soms ook niet. Niet alleen heeft het de functie van café, waar dus iets kan worden gedronken en gegeten, ook is de wachtruimte voor de bus. Verder is het een winkel waar bier en loten het meest worden verkocht. Op het terras lijkt het eerst alsof we helemaal niet welkom zijn. Als we dan weer weg willen fietsen, blijken ze toch nog te willen weten waar we vandaan komen en waar we naar op weg zijn. Althans, wij denken dat dit de vragen zijn die ze ons stellen. Met een brede lach wordt ons dan een goede reis gewenst. Zo kwaad zijn de mensen hier dus helemaal niet. Ze zijn nogal gereserveerd en kijken het liefst de kat zo lang uit de boom dat die vanzelf er uit valt.

Na Dunaivtsi verandert het landschap dramatisch. Het glooiende landschap maakt plaats voor brede heuvelruggen, waarover de weg ons voert. Meerdere keren moeten we diep en steil naar beneden, om een in de laagte stromende rivier over te steken. In die laagte ligt steevast een dorp of stadje, waarvan de meeste huizen weer van hout zijn. Ook de bollenkerk is terug van weggeweest. Op de kleinschalige stukjes grond wordt weer met de hand gewerkt. Babushka’s in bloemetjesjurken zijn aan het hooien en oude mannen maken vloeiende bewegingen met hun zeis. De Oekraïner is te typeren als ‘ik zeis, dus ik ben’. Dit landschap is erg aantrekkelijk om doorheen te fietsen. Nadeel is alleen dat het ook een stuk zwaarder is. Wat naar beneden gaat, moet helaas aan de andere kant ook weer net zo hard omhoog. Frustrerend gewoon.

Een afdaling brengt ons in Nova Ushytsia, waar we verwachten een hotel aan te treffen. Die is echter verdwenen. Door meerdere mensen wordt ons verzekerd dat we in de volgende plaats meer succes zullen hebben. Er zit dus niets anders op dan aan de andere kant van de laagte weer helemaal omhoog te klimmen onder de brandende zon. Wat zijn we blij met de schaduw dat het gemengde bos ons biedt. Het blijft helaas niet bij die ene klim. We moeten nog twee keer naar beneden en dan weer omhoog, voordat we om 19.30 uur Murovani Kurylivtsi bereiken. Bij een ‘magazin’ vragen we de weg naar het hotel. ‘Njet’ is het antwoord dat we terug krijgen. Blijkbaar wil dat zeggen dat er hier geen hotel is. We zijn best uitgeput en Floor barst in huilen uit. De Oekraïners smelten direct, we zijn tenslotte maar een paar onschuldige, uitgeputte fietsers die het even niet meer weten. In een gebrekkige communicatie kopen we het nodige in de winkel, wat door moet gaan voor ons avondeten: bananen, salami, brood, koekjes en cola. We vertellen dat we uit Nederland komen en dat we op weg zijn naar Odessa. Irina, de eigenaar van de winkel biedt aan om bij haar en haar man (Victor) te overnachten. We kopen nog meer spullen voor het ontbijt van morgen. Het beste brood, de beste salami en de beste kaas wordt ons aanbevolen. De rest mogen we niet kopen, want dat is allemaal oud. Om 21.00 uur sluit de winkel, waarna we met Irina en Victor naar huis lopen. Wij mogen het gastenverblijf gebruiken dat bij hen in de tuin straat. Een dag die in een enorme deceptie leek te eindigen, verandert toch nog in iets positiefs.
Ga naar boven