Day: 8 augustus 2005

4.14 – China | Tongren

Na een rit van vijf uur, komen we om 2 uur ’s middags aan in Tongren. Op het busstation raken we aan de praat met twee Chinezen uit Shanghai. Al snel komt er een derde persoon bij, waarbij het ons niet duidelijk is of dat ze elkaar nou kennen of niet. Samen gaan we naar een hotel, waar we de intrek nemen in een vierpersoons kamer voor 25 RMB per persoon. We hebben inmiddels wel door dat het beter is om onze zaken niet door een Chinees te laten regelen. Om de een of andere reden duurt alles dan stukken langer en worden de meest eenvoudige zaken reuze gecompliceerd. We zijn heel duidelijk met een Chinees te veel voor de kamer van vier, maar de Chinezen vinden de oplossing door het bed omstebeurt te gaan gebruiken. Een eenvoudige oplossing voor een complex gemaakte situatie. De televisie op de kamer komt goed van pas. Met een kabeltje sluiten we de camera op de televisie aan, waardoor we onze foto’s in alle rust kunnen sorteren. Tot dus ver zijn we erg tevreden over de spullen die we hebben meegenomen. Nog niets te veel, alhoewel we overwegen om onze matjes achter te laten.

Op weg naar Tongren zijn we langs een aantal boeddhistische kloosters gereden. We zijn dan ook niet verbaasd dat we op straat monniken in paars-rode gewaden zien lopen. Wel zijn we erg verbaasd over het grote aantal blanken dat hier rond loopt. Tongren, in het Tibetaans Rebkong, blijkt toeristischer te zijn dan we dachten. Het zijn niet alleen westerse toeristen die hier naar toe komen. De nabij gelegen kloosters Sengeshong, Gomar en Rongpo trekken ook Tibetaanse en andere Boeddhistische bezoekers. Struinen door de smalle straatjes van de Tibetaanse wijk is een hele belevenis. De monniken vormen een integraal onderdeel van het straatbeeld. Een beeld dat mede wordt gevormd door de lemen woningen die tegen de heuvel zijn opgebouwd. Het levert een aantal interessante beelden op die niet lijken te passen: een glimmende motor door de stoffige, smalle straatjes; monniken met een mobieltje aan het oor; een moderne muziekinstallatie inclusief een paar serieuze boxen die een lemen huis wordt uitgedragen.

Met onze blonde haren vallen we op een positieve manier op. Een glimlach van ons, levert een nog brede lach op. Vanaf een uitzichtpunt boven het klooster genieten we niet alleen van het uitzicht, maar ook van de vriendelijke mensen die hier wonen. We zouden de mensen heel graag willen fotograferen, maar we vinden het onbeschoft om dat zo maar te doen. We zouden het zelf ook niet op prijs stellen wanneer we zo maar zouden worden gefotografeerd. Er zijn genoeg toeristen die er lak aan hebben, maar wij hebben liever respect voor de mensen.

Die avond eten we in een restaurant dat er van buiten aantrekkelijk uit ziet. Via de inmiddels beproefde methode bestellen we ons eten. Dit leidt dit keer tot een soort pannenkoeken van tofu, die we kunnen vullen met gehakt van schapenvlees en een ons nog onbekende groente. Onder het eten worden er een aantal grote stukken bloederig vlees het restaurant binnen gedragen om in de keuken te verdwijnen. Naast ons zit een groep van vijf personen aan een grote ronde tafel. De tafel staat vol met een grote verscheidenheid aan gerechten, waar iedereen gezamenlijk van eet. Met stokjes wordt de gerechten van een eigen schoteltje of kommetje gegeten. Wat daar op tafel staat willen we ook wel eten, maar het is ons nog niet gelukt om zo’n bestelling te plaatsen. Maar het zal een keer lukken.

4.13 – China | Entree tot het Tibetaanse land

In Xining nemen we het besluit om per bus door te reizen naar het 1.000 kilometer zuidelijker gelegen Chengdu. Voor 28 RMB per persoon kopen we buskaartjes voor de eerste etappe naar Tongren. Om tot het platform te worden toegelaten moeten we onze kaartjes laten zien. Deze check lijkt geen belemmering te zijn voor het grote aantal zwerfkinderen dat er rondhangt. Stipt om 9.00 uur vertrekken we van het busstation. Alle zitplaatsen zijn bezet, wat niet wil zeggen dat de bus vol is. Het betekent simpelweg dat de officiële plaatsen zijn bezet. Net buiten het busstation stappen er nog een paar extra passagiers in. Een paar kilometer verderop nog een paar. Al deze extra passagiers nemen plaats op plastic krukjes in het gangpad. Dat dit niet geheel volgens de regels is, blijkt uit de politiecontroles waarvoor door tegemoetkomende bussen wordt geseind. De bus gaat dan weer aan de kant, waarna de ‘illegale’ passagiers worden gesommeerd de bus te verlaten. Het is een kat en muis spel. Tussendoor maken we geregeld een stop om verkopers in te kunnen laten stappen. Opdringerig zijn ze niet en mocht je toevallig net een paar veters nodig hebben, scheelt het je weer een zoektocht in het reguliere circuit.

Het eerste deel van deze etappe voert ons door een kleinschalig agrarisch landschap. Het is hooitijd en iedereen lijkt op het land aan het werk te zijn. Machines komen er nauwelijks aan te pas. Het is ook maar de vraag of dat überhaupt zou kunnen in dit bergachtige terrein. Er wordt geoogst en gemaaid, gedorst en gehooid. Op de weg wordt het kaf van het koren gescheiden. De weg is tenslotte een vlak en warm oppervlak. Op de velden wordt het hooi in aantrekkelijke rechtopstaande bundels gebonden. De akkers hebben een betoverende variëteit aan gele en groene tinten. De combinatie van deze kleuren op de kleine terrassen in dit ruwe bergachtige gebied is een lust voor het oog.

We rijden steeds hoger en dieper de hoger wordende bergen in. In dit eroderende landschap zijn de bergen kaal en voorzien van diepe erosiegeulen. De kleuren rood en paars zijn overheersend. De geasfalteerde weg loopt kronkelend door een nauwe kloof, waarvan de rotswanden over de weg hangen. Daarna opent het landschap zich weer en de rode en paarde kliffen komen verder van de weg te liggen. Ongemerkt zijn we een ander landschap binnen gereden. Op de graslanden staan kuddes met schapen, geiten en yaks. Dit type geit, met van die gedraaide hoorns op de kop, is ons niet bekend. Nomaden zijn ook deel van dit gebied. Hier is hun tijdelijke verblijf een donkerbruine rechthoekige tent. Het gebied wordt bewoond door Mongolen en Tibetanen en de mix die daartussen is ontstaan. Dat is niet alleen te zien aan de gezichten, maar zeker ook aan de kleding. De bewoners gaan gekleed in een traditionele del en hebben van die door weer en wind geboetseerde karakterkoppen. We zijn aangekomen in Tibetaans gebied. Een gebied vele malen groter dan alleen Tibet, dat wacht op verdere exploratie.