Fietsreis 2010

Armenië | Tussen bergen en lada’s

Zwoegend worstel ik me omhoog. Het is de zoveelste berg die ik vandaag over moet. Een serieuze tegenwind, die krachtiger wordt naarmate ik hoger komt, maakt het nog leuker. Vrachtwagens rijden te hard om er aan te hangen. Soms kom er een Lada stapvoets naast me rijden, raampje naar beneden en de vraag wat ik in godsnaam aan het doen ben. Niet dat ik versta wat er gezegd wordt, maar hun blik vol onbegrip spreekt boekdelen. Ik probeer in mijn beste Russisch uit te leggen dat ik deze berg probeer op te komen. Beter gezegd stoot ik wat klanken uit waarvan ik hoop dat de persoon in de Lada begrijpt wat ik er mee bedoel. Read More

Georgië | Het wilde oosten

De afgelopen drie weken hebben we doorgebracht in het oosten van Georgië. Het is het grensgebied met illustere landen en streken als Tsjetsjenië, Dagestan en Azerbeidzjan. Een interessante regio waar de mannen je bekend voorkomen, omdat je ze al eerder op televisie bent tegengekomen. Alleen dan in verband met negatief gedoe (oorlog, geweld, destructie). Niets negatiefs in Georgië. Georgië is misschien wel het mooiste land van de wereld, met de op na aardigste mensen ter wereld. De Turken staan toch echt met stip op nummer 1. De laatste drie weken in Georgië waren weer een heel avontuur. Avonturen die ons voor langere tijd naar Tusheti hebben gelokt en ons veel eten, wijn, chacha en fijne ontmoetingen in de mooiste omgevingen hebben gebracht.

Read More

Georgië | Avonturen op de Kaukasus

In de badplaats Batumi was het direct duidelijk dat we ons niet meer in het ontwikkelde en islamitische Turkije bevonden. Hier weer mannen in blote buiken met bier in de hand, stranden vol bikini”s en wegen vol gaten en lada’s. Batumi ligt dan wel aan de Zwarte Zee, het is daarmee nog geen Odessa. In Batumi een vervelende sfeer en oneerlijke praktijken met de rekeningen. In de restaurants is de rekening vier keer op rij creatiever dan het bestelde eten. We maken ons daardoor wat zorgen over het gebrek aan vriendelijkheid van de Georgiërs. Gelukkig worden we in Kutaisi, met 180.000 inwoners de tweede stad van Georgië, geweldig in de watten gelegd, zodat we vol positieve energie de bergen in kunnen. Daar ontdekken we de fantastische wereld van Svaneti. We maken lange en indrukwekkende wandelingen tussen de 5.000 meter hoge bergen, gletsjers en eeuwige sneeuw. Tussen de wandelingen door genieten we van de gastvrijheid en vriendelijkheid van alle mensen die we ontmoeten. Om in Tbilisi te komen maken we we gebruik van een voor toeristen gratis vlucht (wat niet betekent dat het niets kost), die ons laag door en over de Kaukasus voert. In Tbilisi maken we ons klaar voor het te verwachten avontuur in het oostelijk deel van de Kaukasus. Verder hebben we tickets gekocht voor onze terugreis naar Nederland in het laatste weekend van augustus.

Read More

Turkije | Van Hattusa naar Batumi

Hattusa was de oude hoofdstad van de Hettieten. Deze cultuur domineerde het huidige Turkije ten tijde van de Farao”s in Egypte. Na deze ruïnes hebben we een reis door de tijd kunnen langs plaatsen als Amasya, Trabson en Sumela. Van een cultuur die dateert van 2.000 BC (Hettieten), kwamen we overblijfselen van de Grieken, Romeinen, Byzantijnen en Ottomanen tegen. We hebben nu een beeld bij de geschiedenis van Turkije. De historische overblijfselen van deze (oude) culturen zijn vele malen interessanter en aantrekkelijker dan wat er tegenwoordig door de Turken wordt gebouwd. ‘Concrete Paradise’ zou een goede benaming kunnen zijn. Of je nu in plaats A, B of zelfs Y bent, het ziet er allemaal hetzelfde uit; meestal net niet afgebouwde, fantasieloze betonnen hoogbouw van een verdieping of vijf-zes. Als er weer wat geld is, komt er weer een verdieping bovenop. Aan een aantrekkelijke klodder pleister wordt niet gedacht. Gelukkig vinden we nog genoeg natuurschoon in de bergen van de Kackar Dagi. Tussen de 4.000 meter hoge bergen en de dichte mist sluiten we onze reis door Turkije af. Het is weer tijd voor wat nieuws.

Read More

Turkije | Langs de Zwarte Zee

Vanuit de mooie stad aan de Bosporus met naar schatting 17 miljoen inwoners (waar er jaarlijks 100.000 aan worden toegevoegd), zijn we begonnen aan de fietstocht door dit voor ons nieuwe land. De Zwarte Zee kust is een populaire weekend- en vakantie voor de Istanbullers. Wij rijden van camping naar camping om in Alapli uit te komen. Vanaf daar trotseren we de eerste serieuze bergen om in de oude Ottomaanse stad Safranbolu te arriveren. Diezelfde bergen moeten we een tweede keer over om in het geweldig mooi gelegen Amasra aan de Zwarte Zee te komen. We hadden het plan om vanaf daar door te fietsen naar Sinop en verder. Aangezien je een plan nodig hebt om daar van af te kunnen wijken, kreeg ook dit plan een geheel andere wending. Hierdoor zijn we plotseling via Ankara in Hattusa aangekomen. Daarover verderop meer.

Read More

Turkije | Over de Zwarte Zee naar Istanbul

Doordat er maar één boot per week naar Istanbul vertrekt, hebben we bijna een week in Odessa doorgebracht. Dit was zeker geen straf. Je hebt de Oekraïne en je hebt Odessa. Het is een wereld van verschil. Na de Oekraïne was Odessa dan ook een verademing. Geen gaten in de wegen, goed, veel en lekker eten. Eten dat overal verkrijgbaar is en geleverd met een vleugje service. De beste service in de gehele Oekraïne hebben we in een restaurant aan het water in Odessa mogen ervaren. We zijn er ook niet voor niets meer dan eens teruggekomen voor de beste shashlik van de stad. In ons riante appartement is de badkuip groot genoeg om niet alleen ons zelf, maar ook onze stalen rossen geheel van modder en gras te ontdoen.

Read More

Oekraïne | 1.200 kilometer naar de Zwarte Zee

Hoera! Na 2.400 kilometer fietsen hebben we de stad van Floor haar dromen bereikt: Odessa aan de Zwarte Zee. Het was een route door bergen en door dalen, langs stad en platteland en door uitgestrekte en minder uitgestrekte bossen. Hoe oostelijker we kwamen, hoe meer de tijd stil leek te hebben gestaan. Deze etappe door de Oekraïne zijn we begonnen in het in de Karpaten gelegen stadje Perechyn. Door kilometerslange lintdorpen met houten huizen en decoraties, passeren we een landelijk leven zoals we dat niet eerder zijn tegengekomen. Het werken op het land gaat met de hand of met behulp van paardenkracht. Aan de oostelijke kant van de Karpaten rijden we langs historische plaatsen (Kolomyya, Chernivtsi en Kamyanets-Podilsky) met indrukwekkende kastelen. Daar worden we eindelijk verblijdt met stralend blauwe luchten en zomerse temperaturen. De laatste 500 kilometer door de Oekraïne voerde ons door een verrassend divers landschap. De dorpen en stadjes waren allemaal stoffig en versleten, maar het landschap vaak adembenemend mooi en eeuwig glooiend. Met bovenbenen van beton reden we Odessa in. Daar genieten we zonder gene van ons luxe appartement, pivo, witte wijn, lange warme douches en algehele civilisatie en revitalisatie.

Read More

Slowakije | Door een bergachtig land

Nadat we een erg grijs, nat en koud weekend hadden doorgebracht in het gezellige appartement van Rasti en Ivana in Bratislava, was het weer tijd om verder te gaan. Kamperen in de Male Fatra, dat is waar we zin in hadden. Een mooi kampvuur, fijne gesprekken en pivo midden in de natuur. Ja, was het maar zo’n feest. De winter had besloten nog heel even haar spierballen te laten zien. De kou, sneeuw en de vele regen dwongen ons elke nacht in een pension door te brengen. Wij zweren dan wel bij kamperen, er is een grens aan wat wij prettig vinden. De Male Fatra is na de regen gelukkig nog minimaal zo mooi als voor de regen. Waterdamp uit de bergen vormt nieuwe wolken in de brede en smalle dalen. Zwetende klimmetjes tot 15 % worden afgewisseld met koude rillingen, wanneer we op heuveltoppen temperaturen van 2 graden moesten trotseren.

Read More

Tsjechië | Van Praag naar Slowakije

Vanaf ons luxe appartement in het toeristische centrum van Praag, stappen we op onze fietsen voor de eerste kilometers van wat er enkele duizenden moeten worden. Door de winkeliers in de Joodse wijk worden we voorzichtig uitgezwaaid, omdat ze het niet echt normaal vinden dat we op de fiets naar Syrië op weg zijn. In Praag starten we op fietsroute 1 naar Brno, een route die door een steeds groener wordend Tsjechië voert. De heuvels worden langzaam hoger. Velden vol met koolzaad worden afgewisseld met stukken bos van het type den. De wegen voeren door kleine dorpen en af een toe een stad als het historische Kutna Hora. Langs de rustige wegen staan de kersen-, appel- en perenbomen vol in de bloesem. De lucht is dik van de geuren: bloesem vermengd met koolzaad en dan weer een vleugje bruinkool: heerlijk, we zijn in Tsjechië.

Read More

3.18 – Oekraïne | Etappe 13: Shyriaieve – Odessa (119 km)

Het hotel is onverwacht rustig, waardoor we heerlijk hebben kunnen slapen. Om 7.30 uur staat het ontbijt klaar, wat we gisteren nog hebben kunnen laten regelen. Vanwege de ellende van de vorige etappe en de grote afstand die we nog moeten afleggen tot aan Odessa, maken we ons wel enige zorgen. We hebben geen idee wat ons vandaag te wachten staat. Gaan we het redden of niet. Veel keuze hebben we niet, want op de kaart ziet het gebied er nou niet bepaald dichtbevolkt uit. We laden onze fietsen vol met water en al het eten dat we kunnen vinden. Het lot blijkt ons positief gestemd: er staat een harde wind uit het noorden, terwijl wij naar het zuiden moeten. Hier moeten we van profiteren. Met 35 kilometer per uur suizen we voor over het gladde asfalt, naar de 15 kilometer verderop gelegen ongelijkvloerse kruising met de snelweg tussen Odessa en Kiev. De eerste die we in de Oekraïne zijn tegengekomen.

Na de kruising is de weg meer gat dan glad. Alle typen wegdek komen nu onder onze banden door: asfalt, gravel, zand, kinderkopjes. We zijn al zo gewend aan gaten in de weg dat we er met relatief hoge snelheid, behendig langs manoeuvreren. Maar als dit de komende 100 kilometer zo doorgaat dan halen we Odessa nooit. Gelukkig wordt het wegdek tussen de gaten beter. Door de hitte heeft het asfalt op sommige plaatsen het effect van kauwgom. Door de zuigende werking, neemt de weerstand toe en moeten we meer kracht gebruiken om vooruit te komen. Na 2 uur hebben we 55 kilometer afgelegd en zijn we al in Ivanivka. We drinken iedere een liter koude kvas, eten wat en gaan weer op weg. Over de 2e helft maken we ons echter de meeste zorgen.

Niet nodig blijkt. Voor het grootste deel is de weg voorzien van nieuw asfalt. We fietsen door een breed dal met een stormachtige wind in de rug, die ons met grote snelheid over de rustige weg helpt glijden. Het land is verandert. De vegetatie doet ons denken aan Zuid-Frankrijk en Kreta. De dorpen zijn totaal anders dan hoe we ze eerder zijn tegengekomen. Bijna elk huis heeft dikke muren, die diepblauw zijn geschilderd. We wanen ons in de mediterrane. Dit gebied behoort tot de mooiste waar we doorheen zijn gekomen. Dat hadden we niet bepaald gedacht. Volgeladen karren met hooi die worden voortgetrokken door sterke knollen, komen ons tegemoet. Tegen de grijs-groen-paarse hellingen grazen de schapen en de koeien. Langs de weg staat regelmatig een geit aan een touw te blèren. Stieren staan de ketting voor het huis waartoe ze behoren. Kippen, kalkoenen en ganzen lopen over de erven en voor de huizen over de weg, waar ze dan weer vanaf worden geveegd met een bezem.

Langzaam maar zeker wordt het kleinschalige landschap weer grootschaliger. Uitgestrekte graanvelden van horizon tot aan horizon. Dit is het landschap waar de Oekraïense vlag aan is ontleend: gele graanvelden onder een diepblauwe hemel. Vanaf een heuvel op tien kilometer voor Odessa, zien we de stad aan de Zwarte Zee nu duidelijk liggen. Het verkeer neemt toe en wordt asocialer. Nadat we een snelweg zijn overgestoken, waarbij de auto’s wonderbaarlijk genoeg stoppen om ons de ruimte te geven, rijden we over een stoffig en vervallen industrieterrein vol chemische industrie, Odessa binnen. Onze entree tot de stad is een is een zandweg vol kuilen en grote dampende vrachtwagens. We fietsen langs chemische industrie, kilometers pijpen en leidingen en lange treinen met chemische lading. Omdat we het ook niet meer weten, biedt een vrachtwagen ons aan hem te volgen, waardoor we niet verdwalen en weer op een hoofdweg komen.

Via de hoofdweg komen we in het centrum van de stad. Daar stoppen we om te overleggen wat we gaan doen. Daarop worden we in het Nederlands aangesproken door Arthur. Hij is een Nederlandse Armeniër, die hier staat met zijn gloednieuwe Mercedes S-klasse met Engels kenteken. Hij heeft een zware gouden ketting met kruis om zijn nek. Hij spreekt vier talen vloeiend en zit in de import-export (natuurlijk). Hij heeft een paar vrienden bij zich in net zulke dikke auto’s, waarin de mooiste meisjes van Odessa lijken te zitten. Hij vraagt of hij ons misschien kan helpen, want hij heeft toevallig een vriend die appartementen verhuurd in Odessa. Een telefoontje is genoeg om een afspraak te maken. Hij rijdt voorop in zijn dikke Mercedes en wij fietsen er weer achteraan. Omdat we nou eenmaal slecht gelovige Nederlanders zijn, twijfelen we een beetje aan zijn goede bedoelingen. Maar ja, waarom zou iemand de moeite nemen om een paar vieze en stinkende fietsers te beroven als je zelf een auto hebt van bijna een ton?

Er wordt ons een appartement geshowd dat € 80,- per dag kost. Mooi is het zeker, maar wat hebben we aan vier kamers met leren bankstellen en een king-size bed? Wij zaten meer te denken aan een appartement van rond de € 60,-. Dat is ook geen probleem. Hij heeft een appartement met een grote badkamer, slaapkamer en een aparte keuken midden in het centrum van de stad. We hebben het vermoeden dat we een goede deal hebben, omdat er wat verwarring is over de koers die er wordt gehanteerd. Omdat we in hryvnja betalen, kost het appartement ons 480 UAH per dag. Wij rekenen echter met een wisselkoers van 1:9,7 (1 Euro = 9,7 UAH) waardoor we volgens ons maar € 48,- in plaats van € 60,- betalen. Dat is dan weer een mooie meevaller.

3.17 – Oekraïne | Etappe 12: Balta – Shyriaieve (87 km)

Ondanks de belabberde kwaliteit van het hotel, krijgen we een grondige kamerinspectie voordat we mogen vertrekken. Desondanks kan er een lach vanaf als we weer op de fiets stappen. Met een forse tegenwind rijden we over saaie wegen, door een erg saai en rommelig landschap naar Ananiv. Daar pauzeren we bij een kleine eetgelegenheid, dat wordt gerund door een vrouw in een vormloze blauwe jurk en met gouden tanden en roodgeverfd haar. We eten broodjes gevuld met vlees, dille en kool. Vier oude mannen, ook voorzien van gouden tanden, zijn aan de pivo en de vodka. Er wordt ons in het Duits een gedicht voorgedragen. Bij vertrek volgt een ‘adieu’,  ‘gute fahrt’ und ‘so weiter ja’. Iedere dag weer worden we verrast door allerlei onverwachte gebeurtenissen.

Als we Ananiv weer verlaten, worden we ?opgehouden? door een paar mensen die ons afraden over deze weg verder te rijden. Het wegdek schijnt namelijk erg slecht te zijn. Ze raden ons aan om de snelweg te nemen naar het 44 kilometer verderop gelegen Shyriaieve. Na enige verwarring begrijpen ze dat een snelweg niet de meest aantrekkelijke optie is wanneer je op de fiets bent. Daar komt nog bij dat we inmiddels wel denken te weten wat een slecht wegdek in de Oekraïne inhoudt en dat we dit stukje ook nog wel aankunnen. Met een hoop gedoe, gebaren en geteken, wordt ons uitgelegd hoe we het beste kunnen rijden om er dan maar het beste van te maken. Supervriendelijk natuurlijk, maar blijkbaar hebben ze niet in de gaten dat we twee goede kaarten bij ons hebben.

De route in zuidelijke richting loopt gelukkig weer door een aantrekkelijk landschap. Graanvelden in een glooiend landschap, die dit keer niet aan het zicht worden onttrokken door een onafgebroken groenstrook langs de weg. De eerste 35 kilometer tikken we de kilometers achter elkaar weg. We passeren versleten dorpen waar al jaren niets meer lijkt te gebeuren. Kuddes koeien en schapen lopen door de weiden of over de weg naar weer een nieuwe plek om te grazen. In het open landschap zien we al van verre een onweersstorm naderen. De wind die recht van voor komt, neemt toe in krijgt. Het begint ronduit te stormen. Net voordat het noodweer losbarst vinden we een plek achter een dichte bossage. Vervolgens begint het te hozen. We staan dan wel niet helemaal droog, wel staan we beschut tegen de zware windstoten. De bliksem knettert en de donder roffelt door het open landschap. De storm trekt over, de wind gaat liggen en dan stopt het ook met regenen. De weg met keien en inmiddels grote plassen houdt niet lang stand. De eerder zo mooie zandweg is verandert in een zuigende klomp klei.

Als tsjernosem nat en verzadigd raakt, verandert het in een kleiachtige modder, waarin het water niet wegzakt. Te laat hebben we in de gaten dat hier te maken hebben met serieuze klei. Grote brokken klei rond de remmen, vullen onze spatborden en blokkeren zo beide wielen. Succes! We kunnen niet meer voor- of achteruit. We staan vast in de klei. Met stokjes en met onze handen proberen we zo veel mogelijk de klei te verwijderen. In elk geval zodat we de fiets weer in beweging krijgen. Er zit niets anders op dan de fietsen voort te duwen door de berm. De rand tussen het sompige graanveld en de weg biedt net genoeg stevigheid om de fiets te kunnen dragen. Het nadeel is dat deze smalle rand vol staat met distels, waardoor onze benen veranderen in een bloedende massa en die vervolgens weer zwermen met muggen aantrekken. Helaas is de berm regelmatig onderbroken, waardoor we de glijdende kleibaan moeten oversteken om stabiele grond aan de andere kant te bereiken. Dat is makkelijker gezegd dan gedaan, want dat betekent dat we de fietsen, die elke ruim 25 kilo wegen, moeten optillen om aan de overkant te komen. Een aantal keren gaat dat fout, waardoor alles weer onder de klei zit en weer van voor af aan kunnen beginnen. We hebben geen idee hoe lang deze weg nog zo door gaat. We weten wel dat het nog maximaal 12 kilometer is naar Shyriaieve. In de verte zien we een dorpje liggen, waar we ons met moeite naar te slepen. We hopen zo dat daar de verharde weg weer begint. Achter ons komt een Lada door de modder en de klei aangeschoven. Even lijkt het er op dat een Lada inderdaad overal doorheen komt. Maar helaas, ook de Lada rijdt zich muurvast in de klei. Stiekem moeten we daar wel een beetje om grinniken.

In het dorp komen we inderdaad weer op een verharde weg terecht. Wat een opluchting is dat. Deze regenbui is ook wel een ?freak-accident? geweest. Al een hele week worden we vergezeld door een strakblauwe lucht. Als we een half uur eerder waren geweest was er geen enkel probleem geweest. Genaaid door het lot. Als een stel moddermannetjes vol bloed en muggenbeten, rijden we Shyriaieve binnen. Horror uit de modder. We zijn zo blij dat we er inderdaad het hotel aantreffen dat op de kaart staat vermeld. Ik trek voor de zekerheid een schoon T-shirt aan om überhaupt toegelaten te worden. Volgens de mannen die buiten zitten te roken is dit een ‘5-star-hotel’. We kunnen dan ook niet wachten tot we gebruik kunnen maken van het sanitair. Maar wat blijkt: dit hotel heeft helemaal geen douche. Sterker nog, er is helemaal geen stromend water. De kamer kost dan ook maar 60 UAH (€ 6,-).

Omdat de mannen die buiten voor het hotel zitten te grappen over onze gortigheid, ook wel begrijpen dat wij een douche wel kunnen gebruiken, ontstaat er een wending van het lot. We mogen douchen bij Vitaliy en Woha. Vader en zoon zijn nogal dronken, maar dat kan ons niet deren, want wij willen douchen. Bij voorbaat voelen we ons schuldig over de grote en schone badkamer met warme douche die volledig gaan bevuilen. Maar natuurlijk bestaat er niet zo iets. We zijn tenslotte in de Oekraïne. De ‘witmarmeren’ douche is niets meer dan een gammele houten hok achter in de tuin, met op het dak een olievat gevuld met koud water. De omgeving wordt gevormd door een afvalberg, waarover de ganzen vrolijk lopen te ganzen. Desondanks is het een luxe. Vrij van modder en zweet kunnen wij de wereld weer aan.

Daarna kunnen we de paar glazen verplichte vodka niet weigeren. We proberen zo goed en zo kwaad als het kan een soort van gesprek te hebben, wat wordt bemoeilijkt doordat vader en zoon zo dronken als een mallemegoot zijn. Als het korte termijn geheugen van hen beiden geheel is uitgevallen, hebben wij de kans om de zuippartij te verlaten om wat te gaan eten. In het hotel blijkt een Oekraïner te zijn, die best een aardig woordje Engels spreekt. Via hem bestellen we een voedzame maaltijd in het café van het hotel, dat tevens het magazin en het restaurant is. Direct na de maaltijd is het met Floor afgelopen. Ik ben ‘verplicht’ om op de kamer van twee Oekraïners en een Moldaviër vodka te komen drinken. Ze zijn elektriciens en doen iets met hoogspanning, maar het waarom dat ze hier zijn wordt niet duidelijk. We toasten op de eeuwige vriendschap tussen Nederland, Oekraïne en Moldavië. Vervolgens ook op de eeuwige jeugd, die volgens de versleten Moldavië is te bereiken door het drinken van vodka, het eten van spek en het slurpen van rauwe eieren. Ze vinden het geweldig dat we door de Oekraïne fietsen, dat we het een geweldig land vinden, dat we de Oekraïners zulke gastvrije mensen vinden, enz. Zij zijn niet trots op de Oekraïne. Ze verlangen terug naar de tijd dat ze nog onderdeel uitmaakten van de Sovjet-Unie.

3.16 – Oekraïne | Bershad

De nacht is niet rustig verlopen, want het hotel en de lokale discotheek horen bij elkaar. Zelfs de oordoppen bleken niet bestand tegen het lawaai van de jeugd van Bershad. Het complex herbergt het hotel, een kapper, een tandarts en twee restaurants die de keuken met elkaar delen. Een van de restaurants is tevens het lokale café en de luidruchtige discotheek. Wij hebben een kamer op de 2e etage, wat we Nederland de 1e etage zouden noemen. In de Oekraïne is de 1e etage de begane grond. Over verwarrend gesproken. Onze gang vormt de verbinding tussen de twee restaurant en al het eten gaat langs onze kamer. Niet dat er veel uit wordt gegeten, want dat is voor de gemiddelde Oekraïner veel te duur. Dat verklaard ook waarom restaurants zo dun zijn gezaaid. Feestjes en partijen gaan wel gepaard met veel eten, maar dat is allemaal tevoren besteld. Het menu biedt dus vaak weinig inzicht in wat er echt is te krijgen en het meeste op de kaart is dan ook niet beschikbaar voor de toevallige passanten die wij zijn.

Vanwege slechte nachtrust konden we ‘s ochtends maar moeilijk wakker worden. De afgelopen drie dagen hebben we ook nog eens bijna 300 km gefietst in de zomerhitte en zijn onze billen wel wat rauw. Het kan kortom dus geen kwaad om een rustdag in te lasten. Ontbijten doen we dan ook pas om 11.00 uur. Met gebaren en de paar woorden die we inmiddels spreken, slagen we er in een ontbijt met tosti?s, sap en koffie te bemachtigen. De serveerster blijken meer moeite met de bestelling te hebben dan wij en raken helemaal van slag. In tegenstelling tot ons, want wij zijn eigenlijk wel trots op het feit dat we er iedere keer weer in slagen onderdak en wat te eten te bemachtigen.

Bershad heeft het voordeel dat het omgeven is door water. Genoeg plek dus om een koele rustdag aan door te brengen. Aan het water vinden we een mooie plek op het gras aan het water. Onder de bomen en met een verfrissende bries. Er zijn een paar moeders, oudere vrouwen met paars-rood geverfde haren en een tiental jongens van een jaar of 10-12 die stoer zitten te roken. Wij vragen ons af wanneer de massa uit Bershad hier verkoeling komt zoeken, want in het stoffige Bershad is werkelijk niets te beleven. Tenzij je een meisje/vrouw bent in de leeftijdscategorie 14-25 jaar, want dan ben je de hele dag druk met je uiterlijk. Elk half uur het spiegeltje er bij. Zitten de haren nog goed? Check op de make-up, check! Het is meer een soort bevestiging zoeken van je (on)zekerheid in je eigen spiegelbeeld. Dit moet echt rete vermoeiend zijn. Het water van het meertje is lekker van temperatuur, een soort van schoon (er staan iets verderop twee fabrieken zwarte rook uit te stoten) en dus lekker om in te zwemmen. Wij vinden deze plek best. De hele middag chillen we de pan uit met een boek aan het water.