Slowakije

Tsjechië | Pod Žitkovským vrchem

Floor heeft vandaag een rustdag op de camping om een boek te lezen. Omdat het daarnaast ook nog eens een mooie dag lijkt te gaan worden ga ik alleen op stap. Door de velden loop allereerst naar Krhov. Omdat ik tegen de wind in loop kan ik de reeën in het veld dicht naderen. Ik kom een paar Tsjechen tegen die mij ongevraagd de we wijzen, maar vervolgens moeten concluderen dat ik sowieso de goede kant op loop. Als je zo maar aan het dwalen bent is de goede kant natuurlijk ook niet zo makkelijk te missen. Het is een steile klim door een donker dennen- en beukenbos naar Pod Žitkovským vrchem. Dit is een kom tussen de groene heuvels van de Witte Karpaten. Meerdere watervallen komen aan de rand van het bos en de weide naar beneden. De koeien grazen hier tegen de groene steile hellingen. Er is gelukkig een hotel waar ik voor 112 Kronen (€ 4,30) een Kofola (Tsjechische cola met een lichte karamelsmaak) en Bryndzove halusky (brokjes aardappeldeeg met schapenkaas) bestel. Ik ben de enige gast op het terras. Zoals gewoonlijk ben ik eerst een ongewenste gast, maar nadat ik de bestelling geheel in het Tsjechisch heb gedaan, is het ijs gebroken.

Het weidegebied van Pod Žitkovským vrchem, met uitzicht op de Slowaakse bergen is erg aantrekkelijk. Op mijn terugweg door het bos wordt het erg donker. Pas wanneer ik aan de rand van het donkere beukenbos sta, met uitzicht op het diep in het dal gelegen Bojkovice, zie ik waarom. Een inktzwarte wolk, met rode vlekken komt op mij af. Onder de dreigende wolk hangen slurven, alsof er elk moment een tornado uit tevoorschijn kan komen. Beneden in het dal zie ik de striemende regen neerkomen. Het noodweer komt mijn kant op. Er is geen ontkomen aan. Ik ben te druk om foto’s te maken om tijdig een droge schuilplaats te zoeken. Aan de rand van het bos ziek ik dekking achter de stam van een dikke dennenboom. Dan komt de eerste windvlaag. Whammm! De regen komt horizontaal naar beneden. De wind beukt tegen de bomen, die diep het bos in worden gebogen. Ik ben bang dat ze als luciferhoutjes zullen knappen en maak met zo laag mogelijk tegen de boom zo klein mogelijk. De donder klapt en kraakt en het begint nog harder te regenen. De ene windstoot na de andere geeft de bomen er van langs. Mijn regenjas blijkt onder al dit geweld weinig regen te kunnen tegenhouden en ook mijn boom biedt weinig tot geen beschutting. Ik ben doorweekt.

Het noodweer duurt nog geen tien minuten maar de lucht blijft instabiel. Aan de andere kant van het dal zie ik de felle flitsen en hoor ik de donder aan komen rollen. Een tweede onweersstorm is al weer in aantocht. Het pad naar beneden is een is een modderige rivier geworden. Het grote voordeel van de regen blijkt te zijn dat de dieren mij niet meer ruiken en horen. De reeën in het veld laten zich tot 200 meter naderen. Vlak voor mij op het pad lopen reeën die niet doorhebben dat er een wandelaar in aantocht is. Pas op het allerlaatste moment schieten ze verschrikt weg. Een marter of hermelijn steekt vlak voor me het pad over. Het is een ware beestenboel, waardoor ik al snel vergeet dat ik geheel doorweekt ben. De loodgrijze lucht vormt een geweldige achtergrond voor de foto’s in dit landschap. De bomen en de bloemen daardoor veel beter tot hun recht. Na 8 ½ uur en misschien wel 25-30 kilometer te hebben gewandeld, kom ik drijfnat aan op de camping. Onze tent heeft het noodweer overleefd. Ook Floor heeft het natuurgeweld meegemaakt.: ze heeft moeten schuilen onder een brug, terwijl er een complete rivier onderdoor kwam.

’s Avonds nemen we Wilko en Marjan mee naar het restaurant in Bojkovice. Het gezellig en prettig om met gelijkgestemden de avond door te brengen. Wilko heeft veel van de wereld gezien. Hij is technicus voor theatergezelschappen. Marjan begeleidt jongeren met een Wajong uitkering . Ze zijn 10 jaar ouder dan wij, maar net zo goed op zoek naar meer zinvol bestaan zonder al te veel molenstenen en gedoe met een baas. Daarom willen zij een camping beginnen op de grond van het huis dat ze willen kopen. Er is alleen wel een probleem en dat is dat zij hun oude huis niet verkocht krijgen.

Tsjechië | Brumov-Bylnice

Het beloofd een droge dag te worden en daarom wachten we niet lang voor we starten met een wandeling door de Witte Karpaten. We rijden naar Brumov-Bylnica, waar we de auto parkeren naast de potraviny. We hebben vier liter water mee, meerdere chocoladerepen en ieder drie belegde broodjes. Daar kunnen we het wel even mee redden. De Witte Karpaten is de meest westelijke bergrug van de Karpaten. Het gebergte is in 1996 uitgeroepen tot UNESCO Biosfeerreservaat, vanwege de grote natuurlijke rijkdom. Het staat bekend om z’n orchideeënweiden, beukenbossen, beekjes en bronnetjes, boomgaarden en onkruidrijke akkers. We wandelen dan ook door velden vol met wilde bloemen tegen de heuvel op. De velden gaan over in een dicht gemengd bos, waarna we over de toppen van de bergrug, die niet hoger zijn dan 800 meter, weer door de bloemrijke weiden lopen. We volgen de Tsjechisch-Slowaakse grens en blijken ook de enigen te zijn die dat doen. Het is hier dan ook erg mooi en rustig. Net als overal in deze landen staan de bosranden vol met jachthutten en uitkijktorens. In het jachtseizoen zullen de jagers uit de omgeving hier een beste tijd hebben.

Door de heerlijk geurende en vol kleur staande velden lopen we langzaam maar zeker weer naar beneden. We komen terecht in Nedasova Lhota, waar we twee jaar geleden nog op fietst doorheen zijn gekomen op weg naar Slowakije. We hoeven er maar vijf minuten te wachten op de bus, die ons voor 16 Kronen per persoon (€ 0,65) meeneemt naar Brumov-Bylnice. Eten doen we die avond weer in het restaurant van Bojkovice. Op de camping borrelen we tot laat met onze nieuwe vrienden Wilko en Marjan. Het zijn ‘ons soort mensen’. Ze hebben geen kinderen en ze zijn van plan om een camping te beginnen bij hun nieuwe huis op de grens tussen Groningen en Drenthe.

Tsjechië | Bojkovice

Het moment dat we uit de tent stappen begint het te regenen. De lucht beloofd niet veel goeds. Het plan om vandaag te gaan fietsen laten we voor wat het is. In plaats daarvan stappen we in de auto en rijden naar Uherský Brod. Daar parkeren we de auto buiten het centrum (gratis). Het grote verschil tussen Tsjechië en Slowakije, is dat de dorpen en stadjes in Tsjechië er allemaal een stuk beter netter en beter onderhouden uit zien. We wegen zijn van goede kwaliteit en de plantsoenen netjes onderhouden. Overduidelijk heeft Tsjechië een steeds grotere (economische) voorsprong op Slowakije. Uherský Brod is een typisch Tsjechisch stadje: klein, aantrekkelijk en met een mooie kerk in het centrum. Met veel interesse bekijken we de aanbiedingen in de etalage van een makelaarskantoor. Wat betaal je hier voor een stuk bouwgrond? Met Rasti heb ik een stuk grond van 12 hectare gevonden voor € 20.000,- in het zuiden van Slowakije, met daarop twee huizen. Het ene huis was gebouwd in 1996 en het andere huis was al 90 jaar niet meer bewoond. Het terrein is verwaarloosd. Maar het beukenbos op het perceel heeft een kapvergunning. Een ideale kans om iets in Slowakije te beginnen. De grote vraag is natuurlijk of dat wel willen. Is Slowakije wel het land waar we willen en kunnen wonen? In Tsjechië lijkt het allemaal wel wat duurder te zijn. In deze streek kun je percelen van 3 hectare kopen voor minimaal € 10.000,- Wat duidelijk wordt is dat het zowel in Tsjechië als in Slowakije aanmerkelijk goedkoper is dan in Nederland. In deze landen kun je wat starten met je eigen spaargeld, waardoor de risico’s klein blijven. Het ergst wat er dan gebeuren is dat je al je spaargeld kwijt bent. Maar dan beleef je wel weer een mooi avontuur.

We rijden door naar het wat grotere Uherské Hradiště. Maar verrek, hier zijn we ook al eerder geweest. Twee jaar geleden, tijdens onze fietstocht naar Odessa, hebben we hier al eens op de camping gestaan en de stad verkent. Het is wel geinig om er weer doorheen te lopen. Er worden wegwerkzaamheden uitgevoerd, waarbij 20 werkers worden ingezet om een klein kruispunt te upgraden. Acht mannen graven een gat. Beter gezegd: 1 hanteert de pikhouweel, de ander de schop. De overige 6 mannen kijken toe hoe de anderen het rustig aan doen. De Nederlandse efficiency is erg ver weg.

Omdat het nog steeds droog is, rijden we terug naar de camping om nog wat te kunnen fietsen. Het zijn nou niet bepaald de beste fietsen ter wereld en de berg op is echt vreselijk vermoeiend. Thuis hebben we zulke mooie en goede fietsen staan, waarom hebben we die nou niet meegenomen? Echt blij worden we dus niet van deze poging tot een fietstocht en we houden het dan ook snel voor gezien. Nog een biertje en een zak chips op een terras voor een café in Pitin en dan terug naar de camping. Daar staat kip op het menu. Inclusief pivo bedraagt de rekening 536 Kronen (€ 21). Echt lekker is het niet, maar wel gezellig.

Slowakije | Cerovo

Het is pas 4.45 uur en al licht als ik wakker word. Beter dus om daar van te profiteren. Buiten is het koud en nat en de lucht is zonder wolken. Kaplaarzen aan, camera bij de hand en lopen maar. Witte wolken hangen als een donzen deken boven het dal. Een paar honderd meter van de tent, aan de rand van het graanveld, zie ik beweging. Er staat daar een kudde van zo’n 12 edelherten met van die grote geweien. Ik probeer dichterbij te komen, maar helaas zijn deze herten te schuw en gaan ze er van door. De hoeven maken een donderend geluid op de grond. Langzaam kleurt de lucht oranje en beginnen er steeds meer vogels te zingen. Vanaf de heuvel kan ik de camping bespieden, waar pas om 6.30 uur de eerste mensen uit hun tent kruipen. In de velden rond de boerderij staan groepjes damherten en reeën te grazen in het ochtendlicht. Caming Lazy is een geldig mooie en rustgevende plek.

’s Ochtend is er vers brood dat ze zelf bakken, verse eieren en kaas van schapen en geitenmelk. De yoghurt van schapenmelk is zo romig en stroperig dat het aan de lepel blijft plakken. Hoe kan het dat Nederlandse magere yoghurt überhaupt yoghurt genoemd mag worden? Voor deze ene nacht betalen we € 12,- op een camping met misschien wel het mooiste uitzicht van Slowakije. Het is erg jammer dat we vandaag door moeten naar Bratislava. We zouden hier graag nog een aantal dagen hebben willen blijven. Het is alleen jammer, maar ook wel begrijpelijk, dat deze camping alleen maar Nederlanders aantrekt. Ze proberen het aantal gasten dan wel te beperken tot ongeveer 30, verspreid over 15 grote plaatsten, dit aantal is eigenlijk iets te groot voor de sanitaire voorzieningen en de gezamenlijke keuken.

Om 9.00 uur zijn we klaar om te vertrekken. Het is 35 kilometer naar Zvolen, waar we ons kapot schrikken door een half ingestort flatgebouw op een verlaten industrieterrein, waar nog steeds een aantal zigeunerfamilies blijken te wonen. Zoals gewoonlijk met zigeuners is het er een enorme zwijnenstal. Het is werkelijk ongelooflijk triest hoe deze mensen zonder uitzondering een teringzooi van hun omgeving maken. Vanaf Zvolen rijden we over een nieuwe snelweg naar Bratislava, waardoor de 200 kilometer zo zijn overbrugd. Hier is de lucht blauw en is het aangenaam warm. Bij een tankstation kopen we een kaart van Bratislava, zodat we kunnen navigeren naar de woning van Rasti en Ivana. Het is de afslag bij de luchthaven, langs een groot winkelcentrum en een woud van reclameborden om de nette woonwijk Tenavka te bereiken, waar ze twee jaar geleden zelf een huis hebben laten bouwen.

We moeten 10 minuten wachten voordat Rasti enthousiast komt aangefietst. Hij is geen steek verandert. Nog steeds een heerlijke Slavische kerel. Een half uur later is Ivana er ook. Kristov is inmiddels een kleuter van drie. Inmiddels is er een nieuwe Slowaakse bijgekomen met de naam Isabella. Het is direct erg gezellig en het is alsof we nooit zijn weggeweest. Door hun goede smaak hebben ze er een mooi en sfeervol huis van gemaakt, waar we ons direct erg thuis voelen. Laat in de middag, als het helaas is gaan regenen, rijden we door het chaotische verkeer en het rommelige Bratislava naar de oever van de Donau tegenover het oude centrum. Langs de boulevard zou je heerlijk kunnen chillen op een van de vele terrassen als het weer ons niet zo in de steek zou hebben gelaten. Bratislava en regen, voor ons helaas een terugkerende combinatie. We hebben elkaar in Australië in de regen leren kennen en twee jaar geleden zijn we in de regen naar Bratislava gefietst. De regen is onlosmakelijk verbonden met onze verder warme vriendschap.

Slowakije | Banská Štiavnica – Cerovo

De eigenaar van het pension is speciaal naar de winkel gereden, zodat hij ons om 8.00 uur een ontbijt van broodjes en roereieren kan aanbieden. De historische binnenstad van Banská Štiavnica staat sinds 1993 op de Werelderfgoedlijst van UNESCO. De oude stad bestaat in feite uit een straat die steil de berg oploopt. De renovatie is pas net van start gegaan, zodat het nog genoeg rauwe randjes kent om ons te plezieren. In 1782 gold de stad als de derde stad van het toenmalige Hongarije, na Pressburg (nu Bratislava) en Debrecen, met 23.192 inwoners. In 1919 werd de stad na het verdrag van Trianon van Hongarije afgescheiden en onderdeel van het nieuwe land Tsjechoslowakije, dat in 1927 de stad haar huidige naam gaf. Het was een rijke stad, door de aanwezigheid van goud en zilver. Oude tunnels en schachten maken van deze omgeving dan ook een gatenkaas. Toekomstige welvaart lijkt meer te vinden in het toerisme, waarvan de potentie duidelijk aanwezig is.

Banská Štiavnica wordt omringt door heuvels vol mooie huizen met tuinen vol fruitbomen. Het is een waar lustoord voor de vele vogels. Erg bijzonder is de Kalvária Banská Štiavnica, een monument tegen een heuvel dat de lijdensweg van Jezus uitbeeld in 25 stappen. De Golgotha Banská Štiavnica is een complex van 3 kerken en 22 kapellen met rijke decoraties en schilderingen. De hoognodige renovatie is in 2008 gestart en zal nog zeker tot 2020 duren. Het complex is gebouwd tegen de westelijke kant van een lava kolom in het midden van een oude vulkaan. Daar komen we er achter dat Banská Štiavnica in het midden van een immense caldera, die door de instorting van een oude vulkaan is ontstaan, is gebouwd. Dat verklaard dan direct ook de aanwezigheid van het goud en zilver dat hier vroeger werd gewonnen. De aardbei staat ondertussen nog steeds geparkeerd voor het pension. We moeten nu alleen nog wel betaald parkeren, oftewel betalen voor het betaald parkeren. Dan blijkt dat de eigenaar van het pension meerdere bronnen van inkomsten heeft: in de inpandige winkel zijn ook de parkeerkaarten te koop.

Over steeds kleinere wegen en door een dunbevolkt gebied rijden we in zuidelijke richting. Acht kilometer buiten Cerovo zou een door Nederlanders gerunde camping moeten liggen met de naam aansprekende naam Lazy. In het Engels wordt dit vertaald naar ‘lui’, maar in het Slowaaks staat het voor ‘landelijk gelegen’. Landelijk ligt het zeker. Zo landelijk dat we moeite hebben om het te vinden. De laatste 15 kilometer rijden we over een weg die ook best in de Oekraïne had kunnen liggen. De weg loopt door donkere bossen en weidevelden vol met wilde bloemen en meerdere reeën. Ook zien we een haas wegschieten die zo groot is, dat we eerste denken dat het een ree is. De laatste 500 meter rijden we over een ‘eigen weg’ om de boerderij en camping van Arnold en Bernadette te bereiken. Jaren hebben zij in West-Afrika gewoond en gewerkt als landbouwdeskundigen. Omdat ze toe waren aan een rustiger omgeving zijn ze in 2009 naar Slowakije gekomen om een bedrijf voor agro-toerisme te starten.

Ze hebben een paradijs van 10 hectare, waar het niet moeilijk is om een mooie plek aan de bosrand, met vrij uitzicht over de glooiende velden te vinden. In het uitgestrekte beukenbos komen we al snel een kudde damherten tegen. Helaas maakt een zware regenbui een snel einde aan het verkennen van de omgeving en blijft de lucht grauw en regenachtig. In de overdekte keuken raken we daardoor wel aan de praat met de andere campinggasten. Mensen met interessante verhalen en levensinstellingen. Een van hen werkt voor het Clingendeal Institute in Den Haag. Zijn werk bestaat uit het helpen van nieuwe landen om land te worden. Hij heeft daardoor veel tijd doorgebracht in voormalige staten van de Sovjet-Unie, waaronder Georgië en Oezbekistan. Niet verwonderlijk hebben we direct een klik. Hij raakt niet uitgesproken over Oezbekistan. Volgens hem is Samarkand een van de meest magische plaatsten op aarde.

Als de regen even lijkt te minderen, maken we vaart met het bereiden van de campingmaaltijd: pasta met saus en veel groenten. Net op tijd zijn we klaar als de regen en het onweer in alle hevigheid terugkeert. We duiken de auto in, waar we droog en comfortabel genieten van de pasta en het krakende onweer. In het brede dal blijft de donder lekker lang rollen en roffelen. De laatste paar seconden zijn het zulke lage vibraties, dat de auto er van trilt. De andere gasten van de kleinschalige camping maken zich zorgen over ons en ons kleine tentje. Redden we ons wel in dit noodweer? We mogen dan wel een kleine auto en een kleine tent hebben, nog steeds hebben we alles wat we nodig hebben.

Slowakije | Pribylina – Banská Štiavnica

Het regent en de lucht is grauw. Daarom besluiten we ons kamp op te breken en richting Bratislava te rijden, waar we over een aantal dagen hebben afgesproken met Rasti en Ivana. Omdat we vandaag wat kilometers willen maken, kopen we in Liptovský Hrádok voor € 10,- een vignet, waarmee we de snelweg opmogen. Tot aan Ružomberok en Martin kunnen we vervolgens lekker doorrijden. Daar vervolgen we onze weg in zuidelijke richting naar Prievidza. Daar vlakbij ligt camping Bojnice. De camping ligt bovenop een heuvel in een mooie omgeving, maar zonder uitzicht en langs de drukke weg vinden we maar niks. De camping aan het water in Nitrianske Rudno ligt dan wel erg mooi, maar de disco’s en bars op de camping vertrouwen we niet helemaal. Wij zijn tenslotte rustzoekende kampeerders. Verderop zijn we onder de indruk van het glooiende landschap, met heuvels vol met loofbossen en mooie vergezichten. Helaas zijn daar geen campings te vinden. Prievidza is een fijne plek om een rondje te lopen en te lunchen. In een natuurwinkel slagen we voor een fles olijfolie en honinglikuur voor Rasti en Ivana, zodat we ook niet meer verder hoeven te zoeken naar een cadeau.

Uit het boekje Rustiek kamperen in Tsjechië en Slowakije kunnen we kiezen uit een Nederlandse camping of een rustige camping met een cowboysfeer. Omdat we denken dat het eerste niet is wat we zoeken, rijden we naar de cowboycamping in Nova Bana. Dit dorp in de regio Banská Bystrica ligt in een erg mooie omgeving. Het land doet meer mediterraan aan dan Oost-Europees. Dat de zon flink staat te stralen aan de hemel helpt daar een boel bij. De kleine camping ligt aan een meertje dus we denken dat we onze plek voor de nacht wel hebben gevonden. Voor € 10,- mogen we hier niet alleen een nacht staan, we krijgen zelfs een geel bandje. Dat had ons moeten waarschuwen voor wat er zou gebeuren. We hebben onze tent net opgezet als er een grote groep dronken pubers verschijnt. De lompheid van die groep verdwijnt in het niet als er een tweede groep verschijnt die enorme hoeveelheden vodka begint weg te atten, terwijl ze de ene na de andere krat Pivo uit hun auto’s laden. Als we vervolgens ontdekken dat er rond het meertje een partycentrum is gevestigd, besluiten we dat het beter is om te gaan. Dit gaat geen rustige nacht worden. De avond is nog niet eens gevallen en de twee groepen pubers staan al te schreeuwen en te gillen. Goede beslissingen komen snel en daarom hebben we binnen zes minuten onze tent weer afgebroken en de auto volgeladen. Weg zijn weer.

Op de kaart zien we dat er rond Banská Štiavnica zes campings zouden moeten zijn. Via een spannende binnendoor route rijden we door donkere loofwouden, smalle wegen en langs steile hellingen. Waar brengt de Floor-Floor ons helemaal naar toe? Helaas blijken er helemaal geen campings meer te zijn. De campings hebben plaatsgemaakt voor chaletjes en pensionnetjes. We balen flink, want we hebben een groot deel van de dag in de auto gezeten en 300 kilometer gereden. Omdat Banská Štiavnica erg mooi blijkt te zijn, besluiten we om niet meer verder te rijden. We zijn gaar en chagrijnig. We vinden een pension in het oude centrum, waar we voor € 20,- een basic kamer krijgen met gedeelde douche & toilet. We zijn blij dat we er zijn en gaan niet lopen mokken. Lekker eten en slapen. Dat is waar we zin in hebben.

09 – Slowakije | Kvacianska Dolina

Het begint bijna normaal te worden: vroeg opstaan onder het gekwetter van de vogels en met een stralend blauwe hemel, douchen, koffie zetten en dan naar het shopje voor een paar verse rohlik, salami en eieren. Het bevalt ons wel in Pribylina. Opgeladen rijden we naar Kvacany, voor een wandeling door de Kvacianska Dolina. Twee jaar geleden zijn we vanaf de andere kant door de kloof gefietst, tijdens onze fietsreis naar Odessa. Toen waren we de enigen, nu zijn er vele anderen. Slowaken welteverstaan. Verrassend is de afdaling halverwege de kloof. Daar treffen we een idyllisch plaatje aan van een nog werkende watermolen en een waterval zonder water. Bij het beklimmen van de waterval tref ik wel een man in lendendoek met naast zich een fles olijfolie. Na deze toch wat vreemde wending stappen we weer in de auto om naar Huty te rijden. Huty ligt aan het andere einde van de kloof, maar met de auto is het een flink eind over de pas. We rijden over kleine wegen door een stijl heuvelland. Het land is er groen en de dorpen bestaan uit houten huizen. Velke Borove moet een van de mooiste plekken van Slowakije zijn. Hier wonen zou geen straf moeten zijn, behalve dan dat er veel vaker lijkt te regenen dan alleen vandaag.

Het begint inmiddels erg hard te regenen. Terwijl we de pas weer overgaan worden we overvallen door een zwaar onweer. Het zicht is beperkt en de regen komt met bakken naar beneden. Flitsen snijden als messen door de zwarte lucht en de donker kraakt alsof de wereld vergaat. Het onweer lijkt ons te volgen, want tot aan de camping blijven de hoosbuien onze auto schoonspoelen. Een zwartgrijze masse wolken hangt tegen de bergen. Tientallen flitsen zien we inslaan op de toppen. Op de camping is het nat en koud. Gelukkig is er een restaurant waar we ons de warme maaltijd goed laten smaken. Ik bestel de specialiteit van aardappelpannenkoek met rund en varkenslever. Floor gaat voor een gerecht met pittig gekruid varkensvlees. Om het kampvuur ’s avonds te doen laten branden moeten we hard werken. In plaats van twee lucifers zijn er dit keer twee flinke scheuten lampolie nodig om het hout te doen laten ontbranden. Daarna duurt het nog zeker een uur voor we kunnen spreken van een comfortabel kampvuur.

08 – Slowakije | Termálne kúpalisko Janska

Wat is een betere manier om een rustdag te besteden, dan door een dagje te gaan kuren? Grote zwemparadijzen zijn er hier genoeg, zoals Tatralandia en Bestenova, die met grote bilboards langs de wegen hun aanwezigheid kenbaar maken. Maar dat is niet helemaal ons ding. Volgens de kampeerwijzer ‘Rustiek kamperen in Slowakije en Tsjechië’, zou er ten zuiden van Liptovský Hrádok een kleinschalig kuuroord moeten liggen. Dit blijkt zo klein te zijn, dat we niet eens kunnen vinden. Dan vragen we het maar bij een restaurant, die ons naar Liptovský Ján sturen. Aan het begin van de toeristische Janska Dolina ligt een ‘Termálne kúpalisko’, oftewel een thermaal bad. Dit is precies wat we zoeken. Het bestaat uit drie baden: een zwavelbad van water van 28 graden, een 30- meter bad met zwavelhoudend water en de zwavelbron. Daarvoor moet dan wel het belachelijke bedrag van € 8,- per persoon voor worden betaald. Ook is er een buffet waar je voor € 2,- een klein zakje slappe patat kunt krijgen, of voor € 3,- een vette, gefrituurde platgeslagen oliebol met kaas die verzopen wordt in tomatenketchup. Zelfs voor Slowaakse begrippen een culinaire ramp.

Was het ’s ochtends nog lekker rustig, ’s middags loopt het zwembad vol. Daggasten zoals wij krijgen een blauw polsbandje. De gasten van het aangrenzende hotel dragen een geel polsbandje. De Slowaakse mannen zijn te herkennen aan hun bierbuik, die een deel van hun te kleine zwembroek verbergt. De vrouwen dragen bikini’s, waarbij de voorkeur voor het broekje duidelijk ligt bij de string uitvoering. Bij de zwavelpool paradeert een welgevormde Slowaakse al bellend rond in haar string. Een beter beeld dan de wat oudere dame met haar te kleine bikinibroekje, die ze iedere keer wisselt voor een roze string om daar vervolgens topless in te zonnen. Less-is-more’, ook in Slowakije. Het recreatieteam van het hotel komt ’s middags vol energie hun opwachting maken. Er kan gekozen worden uit aquarobic op foute muziek, of een gezellig potje volleybal. Deze activiteiten trekken verbazingwekkend veel serieuze deelnemers. In het water ligt zelfs een walrus mee te deinen op de muziek. We vragen ons af hoe ze ooit het water uit kan komen, want ze past met geen mogelijkheid tussen het trapje. Van de strenge badmeesteres moet ze het vast niet hebben, want die lijkt zich drukker te maken over haar eigen bruiningsproces.

07 – Slowakije | Zapadne Tatry

Vandaag is het een wandeldag, dus vroeg uit de veren en in de kleren. Het shopje met verse broodjes is 7.00 uur open. We halen vijftien rohlíky voor € 0,10 per stuk. Deze typische Oost-Europese broodjes hebben de vorm van een dikke sigaar, en doet er mede door zijn kleurvariatie ook aan denken. Omdat rohlíky een lage voedingswaarde hebben, doen we er goed aan om niet te vergeten kaas en salami te kopen. Omdat er op de route van vandaag geen plekken zijn om te eten of te drinken, bestaat ons proviand voor vandaag uit tien gesmeerde broodjes, vier muesli repen, vier stroopwafels en 5 ½ liter water. Ik heb dan ook een zware rugtas op mijn rug, die vanzelf lichter zal worden.

De lucht is blauw, fris en vol vrolijk gekwetter van de vogels, als we de wandeling starten in de Vzka Dolina. Bij de splitsing houden we links aan voor de Jamnicka Dolina. De eerste kilometers lopen we over een modderig spoor, vernield door de machines die al het hout uit deze bossen trekken. Vreemd eigenlijk, want dit is een Nationaal Park. Het zal wel nodig zijn om het bos te verjongen. Gelukkig gaat de wandeling verder over een smal bospad, waar de bomen zorgen voor de nodige schaduw. Links en rechts zien we watervallen van de hellingen komen. Hoe dieper we in de Jamnicka Dolina komen, hoe steiler het wordt. Langzaam maar zeker maken de bomen plaats voor struiken en gras. De laatste paar honderd meter naar de bergkam van de Zapadne Tatry, zijn erg stijl. Langs de bron van de Jamnicka Potok ploeteren we omhoog. Klauterend over een puinhelling in de ongenadige zon. Al vloekend en zwetend bereiken we op 1.831 meter de ‘Nizke Sedlo’. Niet alleen staan we daar op de kam van de Zapadne Tatry, ook staan we op de grens met Polen en Slowakije, waar een harde kille wind vandaan komt waaien. We klimmen verder naar de 2.137 meter hoge Hrvby Vrich en de op na hoogste top van dit gebergte, de 2.194 meter hoge Jakubina. Op de Orthance bergkam worden we beloond met een weids panorama over de Zapadne Tatry en de Vysoké Tatry (Hoge Tatra) ten oosten van waar we nu staan. Alles ten noorden van deze bergkam is Pools grondgebied. Ten zuiden daarvan is het Slowaaks. Donkere wolken onttrekken de bergen uit het zicht.

De wandeling over de Orthance bergkam is een pittige en niet overal even prettige onderneming. Diepe afgronden aan beide zijden dwingen tot concentratie. Net als we uitspreken dat we nog nooit een gems in het wild hebben gezien, zien we er een op zijn of haar gemak op een soort van nest liggen, die tegen een rotswand aangeplakt lijkt te zijn. Een klein wonder, want er leven er in dit hele gebied nog maar 720 exemplaren van. Vanaf de bergkam is goed te zien dat de plekken met dode bomen worden leeggehaald. Dit doet ons bedenken de bomen misschien dood gaan door een ziekte of een parasiet en dat ze dit proberen te overwinnen door de zieke en dode bomen weg te halen. Geleidelijk komen we lopend over de bergkam dichter bij het dal. De lange afdaling door het bos duurt en duurt maar voort. We snijden zo veel als mogelijk af, maar dat blijkt niet zo verstandig te zijn als we vastlopen op een kaalgekapte steile helling.

Nadat we ongeveer 18 kilometer hebben gelopen en een hoogteverschil van 1.300 meter hebben overbrugd, komen we om 17.30 uur uitgeput op de camping aan. De beloning van Česneková polévka (knoflooksoep) en Pivo laten we ons goed smaken. Zelfs Floor zit aan de Pivo. Dit is een mooi moment: Floor met een halve liter Pivo voor haar neus. Na negen jaar investeren is het wonder dan toch geschiedt. Dat het citroenbier is, mag de pret niet drukken. Dan zijn we klaar voor een warme douche en schone kleren, zodat we een uur later verfrist en verkwikt weer terug kunnen naar het restaurant. Floor bestelt zoals gewoonlijk het dagmenu (Denné menu), wat vandaag bestaat uit aardappels met een hartige taart van zuurkool, spekjes, rijst en ei. Ik ga voor de gefrituurde aardappelpannenkoeken met bryndza en lenteui.

06 – Slowakije | Rohozna – Pribylina

Camping Boerenhof in Rohozna is mooie plek om te kamperen in een zeer landelijke omgeving. De kosten bedragen € 12,- per nacht en voor een gekoelde Pivo of witte wijn betaal je € 0,75. Er is weinig op deze camping aan te merken. Wij vinden het alleen jammer dat er zo veel Nederlanders staan. Wij kamperen liever tussen de Tsjechen en de Slowaken. Tijdens het afbreken van de tent stijgt de temperatuur snel. Het zweet gutst om 9.00 uur al uit alle poriën. Daarom nog maar een verfrissende duik in de zwemvijver voordat we onze aardbei weer op avontuur sturen.

Omdat we nog geen plan hebben, rijden we naar een terras op een mooi plein in Brezno. De koffie is net op tafel gezet als het noodweer losbarst. De regen valt voor een half uur als een douche naar beneden en het onweer rammelt, knettert en explodeert recht boven ons. Zware windstoten maken dat we naar binnen moeten vluchten. Daar besluiten we dat we naar een camping in de Westelijke Tatra (Západné Tatry) gaan. Dit gebergte ligt ten westen van de Hoge Tatra en ten oosten van de Grote en Kleine Fatra. We steken de Lage Tatra over, waar het ook flink lijkt te hebben geregend. Hele kuddes wandelaars lopen als verzopen katten langs de weg en zoeken onderdak in het restaurant op de top van de Vyšná Boca pas. Als we aan de noordelijke zijde van het gebergte weer naar beneden rijden, valt ons op dat grot delen van de hellingen vol staan met dode dennen. Grote bruine vlekken vol met kale stammen staan troosteloos te midden van de verdere groene monocultuur. Het is echter onmiskenbaar: hier is wat aan de hand. De wolken hangen laag boven het dal.

Camping Račkova Dolina in Pribylina, komt net uit een regenbui is we er komen aanrijden. Het zes hectare grote terrein is onderdeel van het woud, direct grenzend aan het Nationale Park Západné Tatry. Langs de camping stroomt een bergrivier. Ruimte hebben ze hier genoeg en het kost ons dan ook geen moeite om een mooie, ruime open plek met vuurplaats te vinden. Voor € 10,- per nacht mogen we hier doen wat we willen. Hier geen Nederlanders, wel een paar Tsjechen en Slowaken. Her en der op het uitgestrekte terrein staan bungalows en chalets in verschillende gradaties van verval. Op het terrein is een winkeltje, een restaurant en een café, waar je ook Pivo kunt krijgen voor bij de tent. Het toiletgebouw is oud en versleten, maar functioneert nog prima en wordt vakkundig schoongehouden. Geen wasmachine, maar dat is ook niet nodig als je weet dat een zwarte vuilniszak gevuld met water, ook prima schoonwast in de zon. Houtsprokkelen voor het kampvuur is de leukste en belangrijkste activiteit om te voorzien in een aangename avond in de buitenlucht. Op deze camping gaan we erg gelukkig worden. Dit is wat kamperen in Slowakije hoort te zijn: veel ruimte en midden in de natuur! Het enige geluid dat we horen is het ruizen van het water en de vele fluitende vogels.

05 – Slowakije | Over de toppen van de Nizke Tatry

Voor € 1,50 kopen we een paar verse broodjes en eieren van de kippen die hier vrij rondscharrelen en ontbijten rustig voor onze tent, uitkijkend over de velden van centraal Slowakije. Om 8.30 uur rijden we naar het op 1.216 meter hoogte gelegen Srdiecko, aan de voet van de hoogste toppen van de Nízke Tatry (Lage Tatra). Dit gebergte staat bekend als het mooiste natuurgebied van Centraal-Europa. Het is het belangrijkste recreatiegebied van de Slowaken zelf. De hoogste toppen zijn de 2.043 meter hoge Ďumbier en de 2.023 meter hoge Chopok, die we vandaag alle twee willen beklimmen. We parkeren de auto in een betonnen parkeergarage onder de stoeltjeslift. Voor € 5,- per persoon kopen we daar een retourticket voor. Dat scheelt een aanzienlijke klimpartij naar het op 1.500 meter hoogte gelegen ‘Chata Kosodrevina’, waar we om 9.45 uur aankomen. We bevinden ons in het grootste skigebied van de Lage Tatra en het landschap is dan ook behoorlijk naar de knoppen geholpen. Dat er nieuwe pistes worden bijgemaakt, komt de schoonheid niet ten goede.

Hier blijven we echter niet hangen. We moeten naar boven. Naarmate we hoger komen wordt de temperatuur ook aangenamer. Beneden in het dal zou het veel te heet zijn voor een inspannende wandeling. We zij niet de enigen die hebben bedacht om hier een wandeling te maken. Op de top is het vergeven van de Tsjechen en Slowaken die met de grote skilift vanaf de andere kant naar boven zijn komen. Voordat ze gaan wandelen gieten ze er eerst een paar halve liters Pivo in en een bord stevig voedsel. In de ‘Kammena Chata’ is het dan ook afgeladen. Daar bestellen we een ‘velka kofola’ en een ‘malinki kofola’ om de dorst te lessen. Floor bestelt vervolgens knoedel met gerookt vlees en zuurkool. Ik bestel aardappelpannenkoeken met kaas en tomatenketchup. De totale kosten bedragen € 10,- In de frisse buitenlucht laten we het ons goed smaken.

Daarna hebben we voldoende energie om een lange wandeling over de kam van de Lage Tatra te maken. Het pad is geplaveid met grote, vlakke stenen en het weidse uitzicht in alle richtingen is adembenemend mooi. Boven de boomgrens hebben we geen schaduw, maar wel een verfrissende bries. Wandelen is volkssport nummer 1 in Slowakije en Tsjechië. Dat is goed te merken. De Slowaken hebben nu vakantie. Daarbij is het weekend, zodat de Slowaken die nog geen vakantie hebben, ook kunnen gaan wandelen. Bovenop de 2.043 meter hoge Ďumbier, stempelen zij hun wandelboekje. Weer iets om af te vinken. ‘Been there, done that!’ Op de weg terug naar Chata Kosodrevina, volgen we het pad dat onderlangs de hoogste toppen loopt. Het is daar merkbaar warmer en de vegetatie keert weer terug. Het is 15.45 uur als we, net op tijd voor de laatste stoeltjeslift, terug zijn bij Chata Kosodrevina. We hebben dan een wandeling van 15 kilometer achter de rug.

In Brezno stoppen we bij de Lidl om ingrediënten te halen voor de tosti’s, die we na een duik in de verkoelende zwemvijver van de camping, klaarmaken in de koekenpan. In de koelkast staan Pivo en witte wijn, waarna we op het punt staan te denken dat het leven hier goed is. Als de camping op dat moment volloopt met een paar Nederlandse gezinnen, besluiten we op hetzelfde moment dat we deze camping toch een tandje te Nederlands vinden. Het wordt toch weer tijd om verder te gaan.

04 – Slowakije | Turany – Rohozna

Camping Trasalova, aan de zuidkant van Malá Fatra National Park, is een fijne plek om de mooie omgeving te verkennen. Maar wij gaan verder naar nieuwe gebieden om te verkennen. We volgen de E50 in oostelijke richting naar het industriële Ruzemberok. De vele papier, pulp-, baksteen- en textielfabrieken zijn herkenbaar aan de hoge schoorstenen met kenmerkende rode band. De buizen van de stadsverwarming lopen kriskras langs en over de weg. We zijn op weg naar Vyšný Sliač, maar nemen de verkeerde afslag, waardoor we door het keurige Partizanska Lupca komen. Daar worden we avontuurlijker en volgen een zandweg door het aantrekkelijke agrarische gebied met vergezichten door het brede dal van de Vah rivier. Over een steeds ruiger wordende weg rijden we pal langs het natuurreservaat Sliačske travertíny. Hier vinden we een uitgewerkte geiser en een zoutwater moeras met bijzondere flora en fauna. Het avontuur om er te komen en het uizicht op de landelijke omgeving, vinden we interessanter dan het natuurreservaat zelf.

Via een binnendoor route, door het noordelijke deel van de Nizke Tatry, rijden we naar Liptovska Luzne. Een langgerekt dorp dat vijf ‘potraviny’s’ heeft en waar geen einde aan komt. De hoofdweg naar Banská Bystrica is erg druk. Het aantal vrachtwagens in Slowakije is de laatste jaren explosief toegenomen. Het is filerijden op en over de pas over de Nizke Tatry. Bij de Lidl in Banská Bystrica halen we de lunch, waarna we onze weg in oostelijke richting, over een kleine weg over de beboste zuidelijke hellingen van de Nizke Tatry, vervolgen. We komen uit bij Tále, een vakantieresort voor Slowaken. De zwemvijver ligt vol met zongebruinde Slowaken, maar gelukkig is er ook nog plek voor een paar Nederlanders die verkoeling nodig hebben.

We zijn onderweg naar een boerencamping in Rohozna, net voorbij Brezno. Floor attendeert mij er fijntjes op dat het een Nederlandse boerencamping is. Je zult dus net zijn dat deze ‘charmante’ camping vol met Nederlanders staat. Dit lijkt gelukkig mee te vallen. Camping Sedliacky Dvor, oftewel Het Boerenhof, is een kleine, boerencamping, gelegen in de plaats Brezno, in het hart van Slowakije. Het is zeer landelijk gelegen met rondom vrij uitzicht over zacht glooiende heuvels. De eigenaren zijn erg relaxed en willen juist een camping bieden voor Slowaken en Tsjechen in plaats van voor Nederlanders.

De pot schaft vanavond burritos met rucola, feta, kidney bonen, champignons, uien en knoflookyoghurt saus. Net als we willen eten begint het te regenen. Al een paar uur zagen we door het naastgelegen dal, onweersbuien voorbij trekken. Nu krijgen wij de volle laag. We zien de regen vanaf de overzijde van het brede dal aankomen. We vluchten met volle borden naar de veranda, waar we genieten van eten en het zware onweer dat overkomt. Dion, de eigenaar van de camping, vertelt dat hij en zijn gezin hier in 2006 zijn begonnen. De camping heeft 20 plaatsen en ze kunnen er net van rondkomen. Ze verhuren een caravan een grote tent, waarmee ze hun inkomsten aardig kunnen vergroten. Ook hebben ze een bed & breakfast met een kamer. De grote zwemvijver hebben ze dit jaar opnieuw moeten aanleggen, omdat de vorige in een noodweer is weggespoeld. Ze hebben zes hectare grond. Hiervan wordt het grootste deel verpacht aan een lokale boer. Hij krijgt weer Europese subsidie voor het gebruik van de grond. Hun beide zonen wonen op kamers in een stad verderop. Terugkeren naar Nederland is voor dit gezin een gepasseerd station. Ze hebben het hier prima voor elkaar.