Kaapverdië | Dansen op de vulkaan

Share on facebook
Share on google
Share on twitter
Share on linkedin
Share on pinterest

Kaapverdië | Dansen op de vulkaan

Stipt op tijd staat de ‘colectivo’ voor de deur om mij naar Chã das Caldeiras te brengen. Toeterend rijden we een paar rondjes door de smalle straatjes met gekleurde huisjes van São Filipe. Op zoek naar medepassagiers en de nodige pakketjes om elders af te leveren. We rijden over de flanken van de vulkaan, waar kleine boeren de rode aarde bewerken voor wat groente en fruit. Af en toe wordt er gestopt om een pakket af te leveren aan een breed lachende Kaapverdiaan. Het beroep van postbode en taxichauffeur gaan hier hand in hand.

We scheuren door de ene en de andere haarspeldbocht

Langzaam maar zeker komen we hoger en worden de panorama’s mooier: groene velden tussen rode aarde met hier en daar een huisje. Daarachter de glinsterende blauwe zee. Plotseling slaan we linksaf en gaan we serieus de hoogte in over een steile gravelweg. We scheuren door de ene en de andere haarspeldbocht. Hoger en hoger tegen de Pico do Fogo, de ruim 2.800 meter hoge actieve vulkaan die het hele eiland domineert.

Ik kijk ik uit over een enorme vlakte van zwartgrijs gesteente. Foto: Jeroen Keiberg

Op de rand van de krater en kijk ik uit over een enorme vlakte van zwartgrijs gesteente met een oppervlak van maar liefst 67 km². Dit uitzicht ontneemt me bijna de adem zo indrukwekkend vind ik het. Omringt door roodpaarse kliffen van bijna een kilometer hoogte, torent in het midden van de vlakte de hoofdkrater nog eens meer dan een kilometer boven alles uit. De steile hellingen zwart en grijs van vulkanisch as en gesteente.

Omringt door roodpaarse kliffen torent de hoofdkrater nog eens meer dan een kilometer boven alles uit

De weg slingert zich door het vulkanische landschap van grijszwart gesteente, waarbij de route wordt bepaald door de lavastromen die zijn achtergebleven na de uitbarstingen van 1995 en 2014. De oude weg is grotendeels verdwenen onder een dikke laag gestolde lava, net als de huizen van de paar nederzettingen in de krater. Het toen vloeibare gesteente is dwars door gebouwen gestroomd en heeft het soms via de deur weer verlaten.

Her en der steken er nog witte daken boven de gestolde lava uit. Foto: Jeroen Keiberg

Her en der steken er nog witte daken boven de gestolde lava uit. Maar het leven gaat door. De daken van de oude huizen zijn de fundamenten voor de nieuwe huizen. Alles gebouwd uit brokken vulkanisch gesteente. Het is een bijzonder beeld, die doodse zwarte gerafelde wereld, waarin het nieuwe leven weer wordt opgebouwd. Waartussen de kinderen in gekleurde kleren spelen. Waar levens weer doorgaan alsof er niets is gebeurd. C’est la vie, zoals ze het zelf zeggen.

De Pico do Fogo wordt zichtbaar achter de optrekkende ochtendnevel. Foto: Jeroen Keiberg

Ik ben hier gekomen om de 2.800 meter hoge Pico do Fogo te beklimmen, die langzaam maar zeker zichtbaar wordt door de optrekkende ochtendnevel. Het eerste deel van de wandeling voert door het lavaveld, waarvan het gesteente langzaam overgaat naar stof en gruis. Aangekomen bij de voet van de vulkaan is het direct steil omhoog. Het is bijna 1.000 meter klimmen en klauteren om de top van de vulkaan te bereiken. Er lijkt geen einde aan de klim te komen. Op sommige momenten waait het zo hard dat ik word gezandstraald door het vulkaangruis.

De top van de vulkaan ligt bijna 1.000 meter boven mij. Foto: Jeroen Keiberg

Met brandende kuiten kom ik boven en kijk ik in de licht rokende krater, waarvan de afbrokkelende wanden groen, geel, paars en roze zijn uitgeslagen. Boven op de 2.800 meter hoge vulkaankrater ruik ik bij vlagen de zwavel die bevestigd dat ik hier op een actieve vulkaan sta. Omdat ik nu het liedje van Doe Maar in mijn hoofd heb, maak ik een dansje op de vulkaan. Omdat dezelfde weg terug lopen nooit de beste oplossing is speur ik naar een alternatief. Er lijkt een route langs de kraterrand te lopen die naar de andere kant van de vulkaan voert.

Het meeste plezier geeft de afdeling door de diepe grijze laag as en gruis

In zie een puinhelling met daaronder de lange helling met gruis en stof. Daar wil ik naar toe. Waarom moeilijk doen als het ook makkelijk kan? Recht naar beneden dus. Al glijdend en schuivend over en door het puin. Het gaat een stuk sneller dan voorzichtig al zigzaggend een niet bestaand pad proberen te volgen. Het meeste plezier geeft de afdeling door de diepe grijze laag as en gruis, waarmee de hellingen van de vulkaan zijn bedekt. Met enorme sprongen ren ik in grote vaart van de helling af. Vallen is onmogelijk, want bij iedere sprong zak ik tot mijn knie weg in het stof. Als je valt, val je zacht.

Vulkaanlandschap in Chã das Caldeiras. Foto: Jeroen Keiberg

Ik neem de tijd om van het uitzicht over de enorme krater te genieten. De grijze vlakte met de lavastromen van verschillende vulkaanuitbarstingen met op de achtergrond de roodbruine kraterwand. Bizar om te beseffen dat ik nu op een helling van een krater sta, die in een nog veel grotere krater staat op een volledig vulkanisch eiland ergens in de Atlantische Oceaan.

Wil je ook na het lezen van dit verhaal ook de Pico do Fogo beklimmen? Dan heb ik hier een paar tips hoe je er komt. Fogo is één van de eilanden van Kaapverdië. Een eilandengroep voor de Afrikaanse kust, ter hoogte van Senegal. Met Transavia vlieg je rechtstreeks naar het strandeiland Sal. Met Binter Canarias vlieg je vervolgens door naar São Filipe op het eiland Fogo.

Share on facebook
Facebook
Share on google
Google+
Share on twitter
Twitter
Share on linkedin
LinkedIn
Share on pinterest
Pinterest

Geef een reactie

  Subscribe  
Abonneren op

Nieuwste verhalen