4.32 – China | De hel duurt voort

De boot komt om 2.00 uur eindelijk aan. Nadat we onze tassen hebben gepakt kunnen we nog slapen tot 4.00 uur. Volledig geradbraakt verlaten we vervolgens de boot, terwijl de overige passagiers lekker doorslapen. We zijn hier overduidelijk keihard genaaid. Natuurlijk staat er ook geen luxe snelle bus klaar, maar de meest afgeragde die we tot op heden hebben gehad. De geplande vertrektijd van 4.30 uur wordt niet gehaald, door een hoop stampij en geruzie met concurrerende buschauffeurs. Net als wij zijn zij in het geheel niet blij met de diensten van CITS. Pech voor ons, want hier door rijden we pas om 5.30 uur weg. De weg naar Wuhan is opengebroken en de chauffeur rijdt als een volslagen idioot. Slapen kunnen we dus wel vergeten. In plaats van de verwachte 4½ uur doen we er 6½ uur over om Wuhan te bereiken. Het is dan ook geen verrassing dat er niemand meer met onze treinkaartjes naar Guilin staat te wachten.

De vrouw van de buschauffeur wordt er op de een of andere manier toe bewogen ons te begeleiden naar een oplossing. Een half uur lang lopen we in een hoog tempo van het busstation naar een bushalte. Daar wordt een volgende Chinees gecharterd om ons verder te begeleiden. Floor staat nog buiten de bus als deze begint te rijden. De nodige verbale diarree leidt gelukkig tot het gewenste resultaat. We moeten er niet aan denken om nu opgesplitst te raken. Het is drie kwartier naar het treinstation, waar we een half uur moeten wachten op de Chinees met onze treinkaartjes. Er was vast niet zo veel moeite voor ons gedaan als we in Chongqing meer dan alleen een aanbetaling hadden gedaan. Pech voor ons dat we ons nu op het verkeerde treinstation bevinden. Onze trein naar Guilin vertrekt vanaf het station waar we eerder met de bus zijn aangekomen. We moeten dus weer terug. We hebben er onderhand meer dan genoeg van. Dit keer gaan we dan ook met een taxi. Hoeven wij niet na te denken.

In het reusachtig uitgestrekte Wuhan wonen bijna 10 miljoen inwoners. Zij wonen in een grauwe agglomeratie, die zich als een olievlek over beide oevers van de Jangtsekiang uitstrekt. We willen hier zo snel mogelijk weer weg. We hebben het gevoel alsof we zijn overreden door een kudde wildebeesten. We hebben het helemaal gehad met China. Met de Chinezen. We zijn nu wel onderweg naar Yanghuo, maar als dat niet leidt tot een verbetering van ons humeur, gaan we direct door naar Vietnam. Op het station worden we gelukkig al geconfronteerd met ons ongelijk. Niet alle Chinezen zijn verschrikkelijk. Natuurlijk worden we hier weer vriendelijk geholpen. In de trein is het ook weer erg fijn en gezellig. We komen in contact met vriendelijke Chinezen waaronder een meisje uit Guilin. Ze delen hun eten en willen alles van ons weten. Wij hebben vooral behoefte aan slaap. De bedden in deze hard-sleeper klasse voelen voor ons als de bedden van een chique hotel. We vallen in slaap om voorlopig niet meer wakker te worden.

Leave a Reply