4.13 – China | Entree tot het Tibetaanse land

In Xining nemen we het besluit om per bus door te reizen naar het 1.000 kilometer zuidelijker gelegen Chengdu. Voor 28 RMB per persoon kopen we buskaartjes voor de eerste etappe naar Tongren. Om tot het platform te worden toegelaten moeten we onze kaartjes laten zien. Deze check lijkt geen belemmering te zijn voor het grote aantal zwerfkinderen dat er rondhangt. Stipt om 9.00 uur vertrekken we van het busstation. Alle zitplaatsen zijn bezet, wat niet wil zeggen dat de bus vol is. Het betekent simpelweg dat de officiële plaatsen zijn bezet. Net buiten het busstation stappen er nog een paar extra passagiers in. Een paar kilometer verderop nog een paar. Al deze extra passagiers nemen plaats op plastic krukjes in het gangpad. Dat dit niet geheel volgens de regels is, blijkt uit de politiecontroles waarvoor door tegemoetkomende bussen wordt geseind. De bus gaat dan weer aan de kant, waarna de ‘illegale’ passagiers worden gesommeerd de bus te verlaten. Het is een kat en muis spel. Tussendoor maken we geregeld een stop om verkopers in te kunnen laten stappen. Opdringerig zijn ze niet en mocht je toevallig net een paar veters nodig hebben, scheelt het je weer een zoektocht in het reguliere circuit.

Het eerste deel van deze etappe voert ons door een kleinschalig agrarisch landschap. Het is hooitijd en iedereen lijkt op het land aan het werk te zijn. Machines komen er nauwelijks aan te pas. Het is ook maar de vraag of dat überhaupt zou kunnen in dit bergachtige terrein. Er wordt geoogst en gemaaid, gedorst en gehooid. Op de weg wordt het kaf van het koren gescheiden. De weg is tenslotte een vlak en warm oppervlak. Op de velden wordt het hooi in aantrekkelijke rechtopstaande bundels gebonden. De akkers hebben een betoverende variëteit aan gele en groene tinten. De combinatie van deze kleuren op de kleine terrassen in dit ruwe bergachtige gebied is een lust voor het oog.

We rijden steeds hoger en dieper de hoger wordende bergen in. In dit eroderende landschap zijn de bergen kaal en voorzien van diepe erosiegeulen. De kleuren rood en paars zijn overheersend. De geasfalteerde weg loopt kronkelend door een nauwe kloof, waarvan de rotswanden over de weg hangen. Daarna opent het landschap zich weer en de rode en paarde kliffen komen verder van de weg te liggen. Ongemerkt zijn we een ander landschap binnen gereden. Op de graslanden staan kuddes met schapen, geiten en yaks. Dit type geit, met van die gedraaide hoorns op de kop, is ons niet bekend. Nomaden zijn ook deel van dit gebied. Hier is hun tijdelijke verblijf een donkerbruine rechthoekige tent. Het gebied wordt bewoond door Mongolen en Tibetanen en de mix die daartussen is ontstaan. Dat is niet alleen te zien aan de gezichten, maar zeker ook aan de kleding. De bewoners gaan gekleed in een traditionele del en hebben van die door weer en wind geboetseerde karakterkoppen. We zijn aangekomen in Tibetaans gebied. Een gebied vele malen groter dan alleen Tibet, dat wacht op verdere exploratie.

Leave a Reply

  Subscribe  
Notify of